Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Woordenboek

Woordenboek

 N
stikstof
 N2
stikstofgas
 N2O
lachgas of distikstofoxide
 NACE-BEL
Belgische versie van de activiteitencodering NACE Rev.1, die werd opgesteld door het Bureau voor de Statistiek van de Europese Gemeenschap (Eurostat). De NACE Rev.1 is een herziening van de NACE-1970 (Nomenclature générale des activités économiques dans les Communautés Européennes – Algemene systematische bedrijfsindeling in de Europese Gemeenschap).
 Nachtslot
vertrek- of landingsrecht voor vliegtuigen op een luchthaven tijdens de nachtperiode.
 Nageschakelde techniek
zuiveringstechniek die wordt toegepast aan het einde van de productieketen.
 Naijling
verschijnsel waarbij er een tijdsverloop is tussen het optreden of aanbrengen van een verandering en het optreden van het effect.
 NAO-index
(Noord-Atlantische Oscillatie) een maatstaf voor het verschil in luchtdruk tussen de depressie bij IJsland en het hogedrukgebied bij de Azoren.
 NARA
Natuurrapport (Vlaanderen)
 Natte depositie
verwijdering van de luchtverontreiniging uit de atmosfeer door het uitwassen, uitregenen of andere vormen van precipitatie (sneeuw, hagel, mist).
 Natura 2000
Europees netwerk van habitat- en vogelrichtlijngebieden. Een habitatrichtlijngebied is volgens Richtlijn 92/43/EEG (Habitatrichtlijn) een afgebakend gebied, waarin gestreefd wordt naar de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna die hiervan deel uitmaken. Een vogelrichtlijngebied is een speciale beschermingszone aangewezen ter uitvoering van de Vogelrichtlijn (79/409/EEG), aangewezen bij besluit van de Vlaamse regering van 17/10/1988.
 Natural killer cel
cel van het immuunsysteem die zich bindt aan vreemde stoffen die het lichaam binnendringen zodat deze stoffen beschadigd en vernietigd worden.
 Natuurbeleving
contact met de natuur, een natuur die haar eigen gang gaat en met afwisseling in planten en dieren.
 Natuurgebied
ruimtelijk afgebakend gebied dat belangrijk is voor het in-situ behoud of herstel van de biodiversiteit. In de planologische betekenis worden hiermee gebieden aangeduid waar natuur de hoofdfunctie is.
 Natuurinrichting
betreft projecten bestaande uit maatregelen en inrichtingswerkzaamheden die gericht zijn op een optimale inrichting van een gebied met het oog op het behoud, het herstel en de ontwikkeling van natuur en natuurlijk milieu in het VEN en in de groen-, park-, buffer- en bosgebieden.
 Natuurlijk overstromingsgebied
overstromingsgebied dat natuurlijk wordt ingericht zonder of met heel weinig sturing.
 Natuurontwikkeling
geheel van maatregelen gericht op het creëren van voorwaarden voor het tot stand komen of het herstel van natuur in een bepaald gebied; een geheel of grotendeels spontaan verlopend proces waardoor levensgemeenschappen ontstaan met een hogere natuurwaarde dan die er aanwezig waren.
 Natuurreservaat
terrein dat van belang is voor het behoud en de ontwikkeling van de natuur of voor het behoud en de ontwikkeling van het natuurlijk milieu en dat daarvoor door de Vlaamse regering als natuurreservaat aangewezen of erkend wordt. In natuurreservaten wordt via een aangepast beheer een natuurstreefbeeld behouden of ontwikkeld. Voor elk natuurreservaat ingesteld krachtens het Natuurdecreet wordt een beheersplan opgesteld dat de maatregelen vermeldt die voor het beheer en de inrichting getroffen worden.
 Natuurrichtplan
gebiedsspecifiek plan dat op grond van het Natuurdecreet moet worden opgesteld voor elk gebied van het VEN, het IVON, de Speciale Beschermingszones en de Ramsargebieden. De natuurrichtplannen voor VEN en IVON worden opgesteld tegen 2008.
 Natuurtechnische milieubouw
creëren van een uitgangspositie (milieubouw) om vervolgens de natuur spontaan te laten ontwikkelen, al dan niet gestuurd door een bepaald beheer (natuurtechniek).
 Natuurverbindingsgebied
categorie van gebieden uit het Natuurdecreet die van belang zijn voor de migratie van planten en dieren tussen de gebieden van het VEN en/of natuurreservaten en waarbinnen een specifiek gebiedsgericht natuurbeleid gevoerd wordt. De natuurverbindingsgebieden vormen, samen met de natuurverwevingsgebieden, het Integraal verwevings- en ondersteunend netwerk (IVON).
 Natuurverwevingsgebied
categorie van gebieden uit het Decreet Natuurbehoud, waarbinnen een specifiek gebiedsgericht natuurbeleid gevoerd wordt. Dit beleid is gericht op handhaving en ontwikkeling van bepaalde natuurwaarden, waarbij andere functies dan natuur (bv. landbouw, bosbouw, militair domein, drinkwaterwinning) nevengeschikt zijn. Binnen natuurverwevingsgebied kunnen de natuurwaarden ruimtelijk verweven zijn (bv. landbouwperceel met weidevogels). Samen met de natuurverbindingsgebieden geven de natuurverwevingsgebieden gestalte aan een Integraal verwevings- en ondersteunend netwerk (IVON).
 NBB
Nationale Bank van België
 Neerslag
de hoeveelheid regen, sneeuw, hagel, .. die op het beschouwde gebied gevallen is. Deze wordt bekomen door een combinatie van punt-neerslagmetingen op basis van de oppervlakte van het stroomgebied die door elke punt-neerslagmeter bestreken wordt (Thiessencoëfficiënten)
 NEHAP
national environment and health action plan
 NEM
nationale emissiemaxima
 NEM-richtlijn
Europese Richtlijn Nationale Emissiemaxima (2001/81/EG) met als doel de luchtemissies van verzurende, vermestende en ozonvormende stoffen te beperken. In die richtlijn worden aan de EU-15 lidstaten maximale emissieplafonds opgelegd voor de 4 gasvormige polluenten SO2, NOx, NMVOS en NH3.
 NET60ppb
number of exceedances of the 60 ppb threshold
 NET60ppb-max8u
aantal dagen per kalenderjaar waarop de hoogste 8-uursgemiddelde ozonconcentratie van die dag groter is dan 120 µg/m³.
 Netto (korte) vakantieparticipatie
aandeel van een populatie dat gedurende de periode van 1 jaar tenminste 1 maal met (korte) vakantie is geweest.
Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid