Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Systemen / Voeding / Broeikasgasemissie landbouw en voedingsindustrie

Broeikasgasemissie landbouw en voedingsindustrie

Deze indicator beschrijft de uitstoot van de broeikasgassen methaan (CH4), lachgas (N2O) en koolstofdioxide (CO2) in de Vlaamse landbouw en voedingsindustrie. Deze gassen dragen rechtstreeks bij tot de mondiale klimaatverandering. Om de emissies van de drie broeikasgassen met elkaar te kunnen vergelijken worden ze uitgedrukt in kton CO2-equivalenten (CO2-eq). 

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: augustus 2020
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Floor Vandevenne

Aandeel van 12 % in totale broeikasgasemissie

De landbouw en voedingsindustrie hebben in 2018 samen een aandeel van 11,7 % in de totale Vlaamse broeikasgasemissie, goed voor 9 105 kton CO2-eq. Dit aandeel is vergelijkbaar met het aandeel van de Vlaamse huishoudens. Ruim vier vijfde (of 7497 kton CO2-eq) van de emissies van het voedingssysteem zijn afkomstig van de landbouw. Ruim twee derde van totale broeikasgasemissie van landbouw en voedingsindustrie is gekoppeld aan productie die bestemd is voor export. Dat blijkt uit een studie in opdracht van MIRA over de koolstofvoetafdruk van ons voedsel.

Verschillend emissieprofiel

In de landbouw zijn biologische, niet-energetische processen de belangrijkste bron van broeikasgassen (zie indicator Emissie van broeikasgassen in de landbouw). Niet CO2 (door gebruik van fossiele brandstoffen voor verwarming, aandrijving machines, …), maar methaan (CH4) en lachgas (N2O) afkomstig van spijsvertering in herkauwers (CH4), productie en opslag van mest (CH4 en N2O) en bodems (N2O) zijn hier de belangrijkste gassen. Een klein aandeel van de CO2-emissie (94 kton CO2-eq of ongeveer 1 %) van de landbouw is afkomstig van kalk- en ureumgebruik van landbouwgronden. Emissies van de voedingsindustrie (incl. tabak en dranken) zijn louter van energetische oorsprong en bestaan voor bijna 100 % uit CO2

Emissie stijgt opnieuw vanaf 2015

De landbouw en de voedingsindustrie leverden heel wat inspanningen om hun broeikasgasemissie te verminderen. Dit leverde in 2018 een emissiereductie op van 21 % en 3,5 % ten opzichte van 1990 en 2000. Na 2000 zette de daling zich geleidelijk voort, met de laagste waarde opgetekend in 2008 (8203 kton CO2-eq). De daling van het aantal runderen (2000-2009), varkens (2000-2007) en pluimvee (2000-2008) speelde een rol in de daling van broeikasgasemissies gerelateerd aan spijsverteringsprocessen en mestopslag. Ook inspanningen en innovaties op het vlak van energie-efficiëntie zorgden voor een daling van de energetische emissies in de landbouw en voedingsindustrie.

Vanaf 2009 en in het bijzonder vanaf 2015 stijgt de broeikasgasemissie van het voedingssysteem opnieuw. Verschillende oorzaken liggen hiervoor aan de basis (zie ook indicator broeikasgasemissie in de landbouw). Sinds 2015 nam het aardgasverbruik van de zelfproducenten (vnl. in de glastuinbouw) toe. Ook de emissie als gevolg van spijsvertering steeg de laatste zes jaar, o.a. ten gevolge van een stijging in het aantal melkkoeien (zie indicator veestapel).   Tot slot tekende de voedingsindustrie het laatste decennium een productiestijging van ongeveer 30 % op, waardoor ook de energetische emissies terug toenamen.

www.milieurapport.be is een officiële website van de Vlaamse overheid

Elke dag opnieuw werkt de Vlaamse Milieumaatschappij aan het milieu van morgen. Water, lucht en milieurapportering zijn onze kerntaken.