Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Systemen / Energie

Energie

Energie

Vraag en aanbod

Energiegebruik is verweven met bijna alle activiteiten van onze samenleving. Elke sector (landbouw, industrie, handel & diensten, transport en huishoudens) heeft energie nodig, de samenstelling van de energiemix kan variëren naargelang de activiteiten. Bij de voedselvoorziening is energie nodig voor de productie van kunstmest, de verwarming van stallen en serres, de bewerking van landbouwgronden, de verwerking van landbouwproducten in de voedingsnijverheid en het voedseltransport naar de consument. Industriële productieprocessen vereisen energie voor de aanmaak van intermediaire en afgewerkte producten. Voor het vervoer van goederen en personen zijn ook brandstoffen nodig. De verwarming, ventilatie en koeling van de gebouwen waarin we wonen en werken vereisen nog vaak energie. Daarnaast zijn er nog tal van andere activiteiten in onze samenleving waarvoor energie nodig is: uitgebreide communicatie- en informaticasystemen (GSM-masten, servers), binnen- en buitenverlichting, huishoudtoestellen (diepvriezers, koelkasten, kookvuren, wasmachines …), vrijetijdsbestedingen (reizen en uitstappen, sport- en cultuurbeleving, sociale activiteiten, TV, tablets, PC’s …) enz.

Om aan deze energievraag te voldoen, moeten primaire energiedragers worden aangesproken:

  • fossiele brandstoffen (kolen, aardgas en petroleumproducten),
  • nucleaire warmte,
  • biomassa
  • en andere hernieuwbare energiebronnen zoals wind en zon.

De aanbodzijde van het energiesysteem omvat de productie, transformatie en levering van eindgebruiksvormen van energie aan de eindgebruikers in de verschillende sectoren. Bij de aanbodzijde situeren we onder andere stroomcentrales, petroleumraffinaderijen en distributie van aardgas. De vraagzijde van het energiesysteem betreft de eindgebruikers die energiedragers gebruiken voor de invulling van hun behoeften, bijvoorbeeld huishoudens die aardgas gebruiken voor de verwarming van hun woning, openbare diensten die met stroom zorgen voor de straatverlichting of de staalindustrie die kolen of cokes inzet om in hun hoogovens ijzer te smelten.

Zowel voor de aanbodzijde als de vraagzijde blijkt dat geïmporteerde fossiele energiebronnen nog altijd een hoofdrol spelen. Slechts een deel van het finale energiegebruik in Vlaanderen wordt ingevuld door elektriciteit. De opwekking daarvan steunt grotendeels op een nucleair park dat tussen 1975 en 1985 in dienst genomen werd en de flexibele inzet van enkele fossiele centrales. Het aandeel groene stroom in de elektriciteitsproductie in Vlaanderen neemt wel gestaag toe. Vooral het finale energiegebruik maar ook de elektriciteitsproductie en petroleumraffinaderijen brengen heel wat milieudruk teweeg. Deze milieudruk situeert zich voornamelijk in de uitstoot van broeikasgassen (vooral CO2) en emissies naar de omgevingslucht van polluenten zoals NOx, SO2, NMVOS, PAK’s, dioxines, fijn stof en zware metalen. Om de milieudruk van het energiesysteem verder te doen dalen moet het energiegebruik waar mogelijk beperkt worden (bv. licht doven bij verlaten kamer), het resterende energiegebruik zo efficiënt mogelijk gebeuren (bv. halogeenlampen vervangen door LED-lampen) en de energieproductie maximaal hernieuwbaar ingevuld worden met respect voor mens en milieu (bv. stroom opwekken met zonnepanelen). Bovendien maakt het groeiende aandeel aan variabele hernieuwbare stroomproductie (wind- en zonne-energie) een betere afstemming tussen elektriciteitsproductie en energiegebruik meer nodig (bv. elektrische boilers inschakelen bij een groot aanbod van hernieuwbare elektriciteit). Inzicht in de verdeling van het energiegebruik over de verschillende energiediensten helpt om mogelijke efficiëntiewinsten te detecteren.

Centraal en decentraal

Tot twee decennia terug bestond het energiesysteem uit twee grote blokken: de centrale productie in enkele raffinaderijen en grote elektriciteitscentrales, en het decentrale energiegebruik bij eindgebruikers in economische sectoren en bij de huishoudens. Samen met een streven naar een verhoogde inzet van hernieuwbare energiebronnen verscheen geleidelijk aan een derde segment, de zogenoemde prosumenten, die decentraal zowel energie gebruiken als produceren. Ook bij de zoektocht naar efficiëntiewinsten ontstaan kleinere decentrale netwerken waarlangs energie(neven)stromen zoals restwarmte lokaal worden uitgewisseld.

Hieronder vindt u indicatoren voor een aantal belangrijke kenmerken, milieu-impacts en innovaties in het energiesysteem. Deze indicatoren geven echter geen omvattend beeld van het systeem.

Indicatoren

Publicaties en onderzoeksrapporten


Systeembalans 2017
Achtergrondinformatie
Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid