Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Sectoren / Transport / Broeikasgasemissies transport

Emissie van broeikasgassen door transport

De transportsector is medeverantwoordelijk voor de uitstoot van de broeikasgassen CO2 (koolstofdioxide), CH4 (methaan), N2O (lachgas), HFK’s (fluorkoolwaterstoffen) en PFK’s (perfluorkoolwaterstoffen). Deze broeikasgassen dragen in verschillende mate bij aan de klimaatverandering. Om hun opwarmend effect te kunnen vergelijken, worden de emissies uitgedrukt in CO2-equivalenten (CO2-eq). Deze indicator toont naast de totale broeikasgasemissie door transport ook het aandeel per modus, nl. wegverkeer (personen en goederen), scheepvaart, spoorverkeer en luchtvaart. De cijfers die hier besproken worden, werden berekend op basis van het totale brandstofverbruik in Vlaanderen.

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: november 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Greet De Coster

Wegverkeer veroorzaakt merendeel emissies

In 2017 bedroeg de uitstoot van broeikasgassen door transport 15 461 kton CO2-eq. Dit komt overeen met 21 % van de Vlaamse broeikasgasemissies. Het wegverkeer vormt de belangrijkste emissiebron voor de vijf broeikasgassen. In 2017 was het verantwoordelijk voor 97 % van de transportemissies. Het personenvervoer neemt hiervan 55 % voor zijn rekening, het goederenvervoer 40 %. Daarnaast waren er nog 1,9 % niet-energetische emissies (o.a. door gebruik van smeermiddelen en airco) die niet verder onderverdeeld werden tussen personen- en goederenverkeer. De scheepvaart (binnenvaart en binnenlandse zeevaart) veroorzaakte 2,6 % van de uitstoot. Binnenlandse zeevaart omvat alle trafiek van schepen die reizen tussen Vlaamse havens. Ook zeevisserij, zandwinning op zee, baggeractiviteit en sleepboten vallen hieronder. Het aandeel van het spoor en de luchtvaart is miniem: respectievelijk 0,4 % en 0,5 %. Voor de luchtvaart tellen wel enkel de binnenlandse vluchten mee.

Broeikasgasemissies door transport stijgen

In het algemeen gaat de uitstoot van broeikasgassen door transport nog steeds in stijgende lijn, ondanks de toegenomen brandstofefficiëntie en het stijgende gebruik van biobrandstoffen, die als CO2-neutraal beschouwd worden. Dit is te wijten aan de onophoudelijke toename van de activiteit van het wegtransport, vooral het vrachtvervoer, en bijgevolg van het aantal voertuigkilometers (zie indicator Verkeersintensiteit wegverkeer en luchtvaart). Door de financieel-economische crisis in 2008 was er wel een tijdelijke, beperkte daling van de activiteit, wat zich weerspiegelt in de broeikasgasemissies van die periode. Daarnaast is er een toename van het aantal SUV’s (Sport Utility Vehicles). Deze wagens verbruiken meer dan de gemiddelde personenwagen, waardoor hun uitstoot ook hoger ligt. In 2017 was de totale uitstoot door transport 12 % hoger dan in 2000.

CO2 is belangrijkste broeikasgas

CO2 komt in grote hoeveelheden vrij bij de verbranding van fossiele brandstoffen. In 2017 was CO2 verantwoordelijk voor 97 % van de uitstoot van broeikasgassen door transport. Het verloop van de emissie van broeikasgassen door transport volgt dan ook het verloop van de CO2-emissie.

Bij benzine- en LPG-wagens komt N2O vrij tijdens het verbrandingsproces in de motor. Bij voertuigen met een katalysator wordt bovendien N2O gevormd als bijproduct, vooral na een koude start. In de periode 2000—2005 daalden de N2O-emissies, omdat het aandeel dieselwagens toenam. Vanaf 2006 stegen de emissies opnieuw. De reden is dat recente personen- en vrachtwagens op diesel over nabehandelingssystemen (oxidatiekatalysatoren en roetfilters) beschikken waardoor een aanzienlijke hoeveelheid N2O vrijkomt. In 2017 had N2O een aandeel van 1 % in de totale uitstoot door transport. De N2O-uitstoot lag 13 % hoger dan in het jaar 2000.

De emissie van CH4 daalt sedert 2000 en is met een aandeel van 0,1 % in 2017 verwaarloosbaar voor de sector transport.

Het gebruik van koelwagens en airco geeft aanleiding tot lekkage van koelvloeistoffen. De verdrievoudiging van de HFK’s tussen 2000 en 2017 is te wijten aan de hogere aanwezigheid van luchtconditioneringssystemen in voertuigen. In 2017 was de emissie van HFK’s goed voor 1,6 % van de totale emissie van broeikasgassen door transport. Daarnaast leidde gekoeld transport tussen 2000 en 2010 tot een miniem aandeel PFK’s. Sedert 2011 worden geen PFK’s meer gebruikt in transport.

Herberekening emissies in het kader van internationale rapportering

Voor de internationale broeikasgasrapportering moeten de emissies door transport berekend worden op basis van de (federaal) verkochte brandstofhoeveelheid in plaats van het (gewestelijke) brandstofverbruik, zoals berekend door de emissiemodellen. Om de emissies voor de totale hoeveelheid verkochte brandstof te bekomen, moet een surplus bij de hierboven gerapporteerde emissies geteld worden voor het wegverkeer en, in mindere mate, de binnenlandse zeevaart. Voor 2017 leidde dit tot een extra emissie van 801 kton CO2-eq (5 %), wat de totale broeikasgasemissie van transport op 16 262 kton CO2-eq brengt. Dit komt overeen met 22 % van de totale Vlaamse broeikasgasemissie. Volgens het Voorontwerp van het Vlaams Klimaatbeleidsplan 2021-2030 moeten de broeikasgasemissies door wegverkeer in Vlaanderen in 2030 minstens met 27 % dalen t.o.v. 2005. Uit de eerste figuur blijkt echter dat de totale emissies door wegverkeer (incl. brandstofsurplus) in de periode 2005-2017 met 1 % toenam. Merk op dat internationaal ook het transport van aardgas bij transport gerekend wordt; bij MIRA valt dit onder de sector energie.

Maatregelen focussen op wegverkeer

Het Voorontwerp van het Vlaams Klimaatbeleidsplan 2021-2030 bevat maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen in te dijken.

Vlaanderen zet in de eerste plaats in op het beheersen van de mobiliteitsvraag. Men tracht het aantal voertuigkilometers over de weg te verminderen door ruimtelijk en maatschappelijk te sturen. Zo wil men nieuwe woon- en werkplekken ontwikkelen op goed bereikbare plaatsen.

Ten tweede wordt ingezet op het verduurzamen van de mobiliteit. Een multimodaal mobiliteitssysteem wordt uitgebouwd met o.a. aantrekkelijke fiets- en voetgangsnetwerken en een betere doorstroming van het openbaar vervoer, waardoor intensiever gebruik zal gemaakt worden van de duurzame modi. Bij het goederenvervoer wordt een modale verschuiving naar binnenvaart en spoor gestimuleerd.

Ten derde zet Vlaanderen in op een vergroening van voer- en vaartuigen. De overheid stimuleert de markt via een aangepaste fiscaliteit voor koolstofarme en zero-emissie wagens. Tank- en laadinfrastructuur voor alternatieve brandstoffen worden verder uitgebouwd, alsook de walstroomvoorzieningen ten behoefte van de scheepvaart. Daarnaast wordt het gebruik van lichte elektrische voertuigen gestimuleerd.

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid