Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Sectoren / Landbouw / Veestapel

Omvang veestapel

Deze indicator beschrijft de omvang van de veestapel in de Vlaamse landbouw, opgesplitst per diercategorie (runderen, pluimvee en varkens). De omvang hangt nauw samen met de productie van dierlijke mest en met de emissie van verzurende stoffen (ammoniak), broeikasgassen (lachgas en methaan), fijn stof en vermestende stoffen (nitraat en fosfaat).

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: december 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Floor Vandevenne

Recordaantal pluimvee in 2018

In 2018 telt Vlaanderen 41 miljoen stuks pluimvee, dat is een vijfde meer dan in 2017. Sinds 2018 moeten pluimveehouders die op het moment van de telling lege stallen hebben ook het aantal dieren opgeven die aanwezig waren voor de sanitaire leegstand. Dit kan de sterke groei in 2018 gedeeltelijk verklaren. De groei kan ook te wijten zijn aan een stijging van het aantal vleeskippen, o.a. door de gunstige stabiele marktsituatie de laatste jaren. De sector werd hierdoor ook aantrekkelijk voor bedrijven die op zoek waren naar alternatieven (o.a. varkensbedrijven). Nog meer dan andere sectoren wordt de pluimveesector gekenmerkt door een doorgedreven schaalvergroting en specialisatie. Dit zorgt voor kostenefficiëntie en stijgende productiviteit.

Tussen 2000 en 2008 daalde de pluimveestapel ten gevolge van het mestbeleid, de dioxinecrisis en de vogelpest. Dit laatste en de lage prijzen zijn ook de oorzaak van de tijdelijke sterke daling in 2003. Vanaf 2009 steeg de (pluim)veestapel terug onder impuls van de uitbreidingsmogelijkheden voorzien in het derde MestActiePlan (MAP 3). Uitbreiding per bedrijf werd opnieuw mogelijk, mits bijkomende mestverwerking.

Kwart minder runderen dan in 1990

In 2018 zijn er ongeveer 1.3 miljoen runderen in Vlaanderen, dat is ruim een kwart minder dan in 1990. Een verbeterde efficiëntie (melkvee) en verslechterde economische situatie (vleesvee) zorgden vanaf 1996 voor een graduele inkrimping van de Vlaamse rundveestapel. Voor rundvee werd in 2014 voor het eerst terug een toename genoteerd, maar daar komt een einde aan in 2017. Ook de melkveestapel groeide vanaf 2012 terug aan, o.a. door het effect van de afschaffing van het melkquotum (die op 1 april 2015 inging) en door hoge marktprijzen (2013-2014). In 2017 daalt de melkveestapel opnieuw (-1% t.o.v. 2016).

Varkensstapel stagneert de laatste jaren

De varkensstapel kromp als gevolg van prijsdaling (sinds 1998), de dioxinecrisis (1999), de opkoopregeling (2000-2004) en het strengere mestbeleid. Sinds 2009 stijgt het aantal varkens opnieuw door de uitbreidingsmogelijkheden na bewezen mestverwerking tot 6,3 miljoen varkens in 2012. Daarna treedt er terug een daling op tot 5,8 miljoen varkens in 2018, o.a. als gevolg van lage marktprijzen en hoge (kracht)voederprijzen. Begin 2014 legde Rusland een ban op voor invoer van Europees varkensvlees.

Lokale milieudruk blijft (te) hoog

De landbouwsector leverde de voorbije decennia heel wat inspanningen om de emissies naar lucht, water en bodem te verminderen. Het (mest)beleid is gericht op een afname van de milieudruk door mestverwerking, strengere bemestingsnormen, aangepaste diervoeders en stimuleren van innovatieve technieken zoals emissiearme stallen en luchtwassers. Dit vertaalde zich in een aanzienlijke toename in de eco-efficiëntie. Toch zijn er grenzen aan deze efficiëntiewinsten en blijft de absolute milieudruk gerelateerd aan de omvang van de veestapel en de hoge productievolumes in Vlaanderen hoog. Zo is de landbouwsector via de vervluchtiging van ammoniak (NH3) uit dierlijke mest de voornaamste bron van verzurende en vermestende emissie in Vlaanderen, en vormen deze stikstofverliezen vaak een hindernis voor het behalen van instandhoudingsdoelstellingen in NATURA 2000 gebieden. Ook waterkwaliteitsdoelstellingen rond bijvoorbeeld nitraat in oppervlakte- en grondwater landbouwgebied zijn nog niet overal bereikt.

 

 

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid