Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Sectoren / Landbouw / Biologische landbouw

Biologische landbouw

Deze indicator bespreekt de evolutie van het areaal, het aantal bedrijven en de overheidssteun voor de biologische landbouw in Vlaanderen. Als voortrekker van milieuvriendelijke landbouwmethoden zet de biologische landbouw sterk in op het behoud en verbeteren van de bodemvruchtbaarheid en het nastreven van gesloten kringlopen. Dit gebeurt o.a. door ruime vruchtafwisseling, aangepaste grondbewerkingspraktijken en gebruik van groenbemesters en organische bemesting. Chemisch-synthetische bestrijdingsmiddelen, kunstmest, voeder met groeistimulatoren of antibiotica en genetisch gewijzigde organismen zijn verboden. 

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: augustus 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Floor Vandevenne

Groei zet zich voort

Voor het vierde jaar op een rij groeit de biologische landbouw.  Ten opzichte van 2017 stijgt het bio-areaal met 7 % en neemt het aantal biobedrijven toe met 10 % (Figuur 1). Ook het aantal dieren onder biologische controle stijgt met 15 %.  Ruim acht op de tien biobedrijven zijn gespecialiseerd (Figuur 2). De belangrijkste specialisaties zijn groenten in openlucht (26 %), dierlijke productie (18 %), akkerbouw (17 %) en fruitteelt (15 %).

In vergelijking met een ‘gemiddeld’ Vlaams landbouwbedrijf, is een biologische bedrijf eerder klein (26, 3 ha vs. 19,8 ha). Dat komt doordat het gros van de bedrijven zich richt op tuinbouwactiviteiten, waarvoor kleinere arealen nodig zijn dan het geval voor dierlijke productie. Wel zijn de 38 grootste bioproducenten verantwoordelijk voor 47 % van het bio-areaal in Vlaanderen.

Het Vlaamse bio-areaal bestaat voor 39 % uit grasland, weiden en bossen (Figuur 3). Voedergewassen en groenbedekkers nemen een kwart van het areaal in. Dit zijn bijna uitsluitend (95 %) klavergewassen. Deze gewassen worden ingezet als bodemverbeteraar (door de opslag van stikstof) en als eiwitrijk ruwvoeder. Het areaal aardappelen, kruiden en groenten is met een één vijfde gestegen ten opzichte van vorig jaar.

Stijgende steun

In 2018 gaf de Vlaamse overheid 5,4 miljoen euro uit aan ondersteuning van de biologische landbouwsector (Figuur 1). Dat is 26 % meer dan in 2017. Rechtstreekse steun aan bioboeren, o.a. de hectaresteun en de VLIF-investeringssteun, bedroeg 2,9 miljoen euro (+37 % t.o.v. 2017). Onder meer de hogere VLIF-uitgaven door enkele grote investeringen in de biologische pluimvee- en geitenhouderij verklaren de hogere rechtstreekse steun. Onrechtstreekse steun, gericht op promotie, versterking van afzet, onderzoek, vorming en organisatie van de sector, was goed voor ruim 2,5 miljoen euro (+ 16 % t.ov.2017). Eén van de oorzaken van de stijging is de organisatie van een living lab agro-ecologie en biologische landbouw door ILVO in 2018.

Het nieuwe strategische vijfjarenplan voor de biolandbouw 2018-2022 zet in op kwantitatieve groei. In 2018 werden hiervoor regionale bioclusters opgestart. Door landbouwers geïnteresseerd in bio samen te brengen wordt ingezet op de noden van omschakelaars (o.a. kennisopbouw en -deling, netwerk, uitwisselen materiaal,…).

Belgische vraag naar bio stijgt, Vlaamse stagneert

Belgen kopen steeds meer bio. In 2018 besteedden Belgische gezinnen 760 miljoen euro aan biologische vers- en diepvriesproducten, dranken, kruidenierswaren en non-food producten (+ 15% t.o.v. 2017). Het Vlaams aandeel bedroeg 289 miljoen euro (-2 % t.o.v. 2017). In vergelijking met totale voedingsbestedingen is de stijging van biobestedingen groot. De groei wordt vooral verklaard door de expansie in Wallonië en door een hogere gemiddelde aankoopfrequentie.

Biologische versproducten zijn gemiddeld een derde duurder dan gangbare producten. Welgestelde gezinnen met kinderen en welgestelde gepensioneerden zijn verantwoordelijk voor de helft van de biobestedingen (en vertegenwoordigen 39 % van de bevolking). Ruim 40% van de bio-uitgaven in België gaat naar aardappelen, groenten en fruit (bij de gangbare niet-bio producten is dit slechts 23%). Uitgedrukt per capita per jaar besteedt een Belg 46 euro in 2018. De koploper is biozuivel (9,54 euro), gevolgd door biogroenten (8,32 euro), biofruit (6,69 euro) en biovlees/gevogelte (5,69 euro).

Bescheiden aandeel op de Europese biomarkt

Aan de productiezijde ligt Vlaanderen met een aandeel biologisch ten opzichte van totaal landbouwareaal van 1.3 % ver onder het Europese gemiddelde van 7 % (EU-28, cijfers 2017). Om aan de stijgende vraag naar bio te voldoen, is verdere groei van inlandse bio-producten wenselijk. Belangrijke voorwaarden voor groei zijn o.a. garanderen van de continuïteit van biologische landbouwbedrijven en voldoende toegang tot landbouwgrond.

 

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid