Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Sectoren / Landbouw / Areaal en teeltdiversiteit

Areaal en teeltdiversiteit

De totaal benutte landbouwoppervlakte (BLO) omvat alle cultuurgrond waarop commerciële gewassen geteeld worden, inclusief tuinbouwgewassen en tijdelijk braakland. Niet inbegrepen zijn landbouwwegen, bedrijfsgebouwen, beboste landbouwgronden en ongebruikte gronden. Elke teelt heeft zijn specifieke eigenschappen en effecten op het milieu. Zo is het behoud van blijvend grasland bepalend voor het voortbestaan van natuurwaarden in het landbouwgebied en legt het organisch koolstof vast in de bodem.

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: december 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Floor Vandevenne

Ruim 45 % van Vlaamse oppervlakte is landbouwgrond

In Vlaanderen wordt ongeveer 45 % van de grondoppervlakte gebruikt als landbouwgrond. In 2018 daalde die benutte landbouwoppervlakte met 3 % t.o.v. 2000. Dat komt vooral door een afname van het aandeel grasland (tijdelijke weiden en blijvend grasland) en het aandeel braakgrond tijdens die periode. Het laatste decennium blijft het landbouwoppervlak vrij stabiel. De toename tussen 1990 en 2000 is het gevolg van een verbeterde registratie en een verschuiving tussen de particuliere niet-commerciële landbouw en de commerciële landbouw. 

Ruim helft areaal staat in teken van de veeteelt

Ruim de helft (57 %) van de benutte oppervlakte in 2018 bestond uit voedergewassen (21%) en grasland (omschreven als tijdelijke weiden en blijvende graslanden; 36%). Het belangrijkste voedergewas blijft voedermaïs (97%). Voederbieten (<3%) en vlinderbloemigen (<1%) nemen een klein aandeel van de landbouwoppervlakte voor voedergewassen in.

Areaal blijvend grasland daalt

Blijvend grasland maakte in 1990 nog 42 % van de BLO uit, in 2018 is dit 36 %. Vooral het blijvend grasland gaat achteruit (-22 %), ten voordele van tijdelijk grasland, maïs en nijverheidsgewassen.

De Mid Term Review van het Europees Gemeenschappelijk Landbouwbeleid koppelde het behoud van blijvend grasland vanaf 2005 als voorwaarde voor inkomenssteun (cross-compliance). Toch daalde het areaal blijvend grasland na 2005 en na 2012. Dit komt o.a. omdat grasland moet plaatsmaken voor gewassen met een hogere rendabiliteit. Sinds 2017 is het areaal blijvend grasland een collectieve verantwoordelijkheid van de sector geworden en hoeft niet elke individuele landbouwer zijn of haar areaal aan te houden. Vlaanderen moet van Europa zorgen dat de oppervlakteratio blijvend grasland met niet meer dan 5 % mag dalen t.o.v. het referentie-areaal in 2012. In 2018 bedroeg die daling ongeveer 3 %.

Minder bieten en granen, meer aardappelen

Tussen 1990 en 2018 daalde het areaal bieten (-50 %) en granen (-34 %), onder meer ten voordele van het maïs- en aardappelareaal (+ 85 en 39 %). De teelt van maïs kende vooral tussen 1990 en 2002 een enorme opgang. Daarna vertoonde het een schommelend verloop. Ten opzichte van 2017 steeg het maisareaal met bijna 6 %. De suikerbiet zag zijn areaal verkleinen, o.a. als gevolg van de Europese suikerhervorming en het afschaffen van de suikerquota (september 2017). Het areaal granen stagneerde het laatste decennium rond de 90 000 ha.

Tegenover die daling staat een recente toename van het areaal aardappelen: sinds 2016 ligt het aardappelareaal rond de 50 000 ha. De (wereldwijde) vraag naar aardappelen stijgt door de sterk groeiende Belgische aardappelverwerkende industrie. Het areaal daalde wel met 4 % in 2018. Het gros is bestemd voor de diepvriesindustrie, maar ook vanuit de chipsindustrie is de vraag naar aardappelen groot. 

Ruim helft tuinbouwareaal voor groententeelt

De laatste jaren stijgt het areaal groenten en fruit lichtjes. Ruim de helft ervan (57 %) is bestemd voor groententeelt, 29 % is bestemd voor fruitteelt. Binnen de fruitteelt zet de verschuiving van appelen- naar gespecialiseerde perenteelt zich door, het appelareaal daalde tot 5400 hectare in 2018. Het areaal sierteelten en serreteelten blijft stabiel.

De tuinbouw kende een grote expansie in de jaren ‘90. Het areaal groeide toen met ruim een kwart tussen 1990 en 2001, van 40 090 ha naar 51 140 ha. Sindsdien schommelde het steeds rond de 50 000 ha (met een lichte stijging vanaf 2014 tot 2018).

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid