Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Sectoren / Industrie / Primair fijn stof industrie

Emissie van primair fijn stof door de industrie

Deze indicator brengt de evolutie in beeld van de industriële primaire uitstoot van verschillende fracties fijn stof opgedeeld per deelsector. Dit stof ontstaat voornamelijk door verbrandings- en procesemissies, opslag, behandeling en verwerking van fijnkorrelige materialen, verkleining van grover materiaal, erosie van bedrijfsterreinen en slijtage van diverse werktuigen en installaties.

Fijn stof inademen kan de gezondheid schaden. Kleinere deeltjes zijn schadelijker voor de gezondheid, omdat ze dieper in de longen kunnen dringen.

In deze indicator bespreken we volgende fijnstoffracties:

  • Totaal stof (TSP of Total Suspended Particles) slaat op alle zwevende stofdeeltjes die in de lucht blijven zweven. De aerodynamische diameter van deze deeltjes kan tot ongeveer 100 µm gaan.
  • PM10 (particulate matter of fijn stof) is de fractie van de zwevende stofdeeltjes met een aerodynamische diameter kleiner dan 10 µm.
  • PM2.5 is de fractie van de zwevende stofdeeltjes met een aerodynamische diameter kleiner dan 2,5 µm.
  • Elementair koolstof (EC of elemental carbon) is de kleinste van de vier fracties. Deze donkere deeltjes dragen bij aan de klimaatverandering omdat ze licht opnemen.
Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: november 2020
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Greet De Coster

Uitstoot fijn stof daalt ook bij een groeiende industrie

In 2018 was de industrie verantwoordelijk voor 6633 ton ofwel 22 % van de Vlaamse uitstoot van totaal stof. Het industriële aandeel in de PM10- en PM2,5-emissie was wat lager, respectievelijk 19 % (3294 ton) en 16 % (1906 ton). Voor elementair koolstof was de bijdrage van de industrie het laagst, namelijk 10 % (165 ton).

De grootste daling deed zich voor alle fijnstoffracties voor tussen 1995 en 2000. Ook nadien bleven de emissies dalen, zij het in mindere mate. Tussen 2000 en 2018 halveerden de industriële emissies van elementair koolstof  (-52 %). De PM2,5-emissies namen af met 44 %. De uitstoot van PM10 daalde met bijna een derde (-31 %) en die van totaal stof met 17 %. 

In bijna alle deelsectoren is er voor alle fijnstoffracties een daling waarneembaar tussen 2000 en 2018, zelfs bij toename van de economische activiteiten (zie indicator Bruto toegevoegde waarde van de industrie). Uitzondering zijn: de sector papier (emissiestijging voor alle fracties), de bouw (stijging voor PM10 en totaal stof) en overige industrie (stijging voor elementair koolstof).

De emissiedaling van 2009 bij alle fracties kan hoofdzakelijk worden toegeschreven aan de lagere economische activiteit tijdens de financieel-economische crisis.

Meeste emissies afkomstig van bouw, chemie, metaal en overige industrie

De deelsectoren bouw, chemie, metaal en overige industrie waren in 2018 samen goed voor 95 à 96 % van de industriële emissies van zowel totaal stof, PM10, PM2,5 als elementair koolstof. Niet toevallig zijn dit ook de economisch grootste deelsectoren. De economisch kleinere deelsectoren papier, textiel, voeding en afval & afvalwater hebben in alle fracties een beperkt aandeel in de totale industriële emissies.

De ‘overige industrie’ (met o.a. de houtindustrie en de vervaardiging van producten van rubber, plastiek en niet-metaalhoudende minerale producten) veroorzaakte het leeuwendeel van de industriële uitstoot van PM2,5 (aandeel van 40 %) en was ook belangrijk voor de uitstoot van PM10 (25 %) in 2018. De deelsector metaal was vooral belangrijk voor de emissie van PM10 (aandeel van 23 % in 2018), PM2,5 (29 %) en elementair koolstof (25 %). De  chemie zorgde in 2018 voor 28 % van de industriële emissies van elementair koolstof. Deze emissies worden voornamelijk veroorzaakt door stookinstallaties en de diverse industriële processen.

De bouwnijverheid is vooral belangrijk wat de uitstoot van totaal stof (57 % van de industriële emissies), PM10 (32 %) en elementair koolstof (24 %) betreft. Het merendeel van de emissies van de bouw bestaat uit de grotere stoffracties, vooral totaal stof en in mindere mate PM10. Deze polluenten worden uitgestoten bij de bouw-, sloop- en infrastructuurwerken zelf. Elementair koolstof wordt enkel uitgestoten door de uitlaat van mobiele machines, zoals graafmachines en kranen. De uitlaatemissies bestaan uit kleinere stoffracties dan de niet-uitlaatemissies.

Doelstellingen en acties

De afgelopen jaren werden reeds heel wat inspanningen gedaan om de uitstoot van fijn stof terug te dringen. Zo werden onder andere volgende actieplannen uitgerold: het ‘Saneringsplan fijn stof voor de zones met overschrijding in 2003 en aanpak fijnstofproblematiek in Vlaanderen’ (2005), het ‘Actieplan fijn stof in de industriële hotspotzones’ (2007), het ‘Actieplan fijn stof en NO2 in de Antwerpse haven en de stad Antwerpen’ (2008 en 2014-2018) en het ‘Actieplan fijn stof en NO2 voor agglomeratie Gent en Gentse kanaalzone’ (2016-2020). In VLAREM werden doorheen de jaren enkele malen de emissiegrenswaarden voor stookinstallaties aangescherpt. Sinds 2017 is nieuwe wetgeving van kracht om het fijn stof dat bij bouwwerken vrijkomt te beperken.

Het Luchtbeleidsplan 2030 legt geen doelstellingen vast voor de industriële emissies van fijn stof, enkel voor de fijnstofemissies van Vlaanderen als geheel.  Voor de industrie wordt het reductiebeleid dat reeds meerdere jaren van toepassing is verder gezet. Dit betekent onder andere dat de uitvoering van maatregelen moet voldoen aan kosteneffectiviteitscriteria, voor fijn stof is dit 8,0 €/kg. In het luchtbeleidsplan worden verschillende maatregelen aangehaald om de uitstoot van fijn stof verder te reduceren. De BREF-conclusies uit 2017 zullen worden omgezet naar VLAREM waardoor een aantal emissiegrenzen verder zullen worden aangescherpt.
Voor fijn stof in de metaalsector, bij het bedrijf dat verantwoordelijke is voor bijna alle uitstoot, zijn bijkomende maatregelen gepland zoals het plaatsen van multicyclonen, mouwen-, elektro- en hybride filters. Dit moet leiden tot een reductie van bijna 500 ton in de industrie.
Verder zullen de acties die worden genomen voor een verdere reductie van gebruik van fossiele brandstoffen, reducties van NOx en SO2 ook hun effect hebben op de uitstoot van fijn stof.

www.milieurapport.be is een officiële website van de Vlaamse overheid

Elke dag opnieuw werkt de Vlaamse Milieumaatschappij aan het milieu van morgen. Water, lucht en milieurapportering zijn onze kerntaken.