Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Sectoren / Industrie / CO2-emissie industrie

Totale CO2-emissie per industriële deelsector

Deze indicator geeft een overzicht van de emissie van CO2 in de industrie per deelsector. Er zijn zowel energetische emissies als niet-energetische emissies.  De energetische emissies ontstaat wanneer energiedragers worden ingezet als brandstof. De niet-energetische emissies ontstaan tijdens het productieproces (zoals bijvoorbeeld het vervaardigen van metaal- en ijzerproducten, vervaardigen van kunststoffen in de chemische sector, het gebruik van organische smeermiddelen… ) of zijn afkomstig van afvalemissies. In de industrie is CO2 goed voor 88,2 % van de uitstoot van broeikasgassen.

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: november 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Sander Devriendt

Industrie verantwoordelijk voor 28,8 % CO2-uitstoot

De sector industrie is goed voor 28,8 % of 18,8 Mton van alle CO2-uitstoot in Vlaanderen in 2017, in 1990 was dit 24,2 % of 16,7 Mton CO2. In 2017 is bijna de helft (47,6 %) van de uitstoot van CO2 in de industrie afkomstig van de chemie (figuur 1). De metaalsector neem 29,0 % van de emissies voor haar rekening. Economisch gezien zijn dit ook de grootste sectoren. De sector voeding stoot 8,5 % van de CO2 in de industrie uit, de economisch kleine sectoren papier en textiel 2,1 % en 1,2 %. ‘Overige industrie’ met onder andere de bouwsector, baksteenbedrijven, glasproductie en de productie van minerale niet-metaalproducten is goed voor 11,2 %.
De CO2-emissies kunnen worden opgesplitst naar energetische emissies (door energiedragers te gebruiken als brandstof) en niet-energetische emissies (proces- en afvalemissies). In 2017 was 41,5 % of 7,82 Mton van de emissie van energetische oorsprong (figuur 2), in 1990 was dit nog 62 % of 10,3 Mton. Indien enkel de energetische uitstoot wordt beschouwd, blijft de chemie de grootste uitstoter van CO2 (29,9 %), gevold door ‘overige industrie’ (22,6 %), de sector voeding (20,6 %) en de sector metaal (18,6 %). Papier en textiel komen uit op respectievelijk 5,6 % en 2,7 %. De niet-energetische uitstoot (11,0 Mton of 58,5 %) wordt op 3,3 % na (figuur 3), volledig verdeeld tussen de sector chemie (60,2 %) en de sector metaal (36,5 %).

ETS motor voor reductie in industrie

Met het Europese Energie- & Klimaatpakket beoogt de EU haar totale broeikasgasuitstoot* met 20 % te verminderen in 2020 ten opzichte van 1990 of met 14 % ten opzichte van 2005. Deze Belgische doelstelling werd eind 2015 vertaald naar reductiedoelstellingen voor de gewesten, Vlaanderen zal haar uitstoot van broeikasgassen verminderen met 15,7 % ten opzichte van het referentiejaar 2005. Tegen 2030 is er een reductie vereist van 35 % ten opzichte van 2005.

In de industrie valt in 2017 77,6 % of 16,571 Mton van de uitstoot van broeikasgassen* onder het Europese Emissiehandelssysteem (ETS), die ondertussen in de derde handelsperiode (2013-2020) zit (meer informatie over ETS). Het ETS is de belangrijkste motor om de broeikasgassen in de industrie terug te dringen. In deze derde handelsperiode nemen de emissierechten af met 1,74 % per jaar, zodat in 2020 de emissierechten nog slechts 79 % bedragen van die in 2005 of een reductie met 21 %. In de vierde handelsperiode (2021-2030) worden de emissierechten jaarlijks afgebouwd met 2,2 % per jaar zodat tegen 2030 de totale ETS-emissies zijn gedaald met 43 % ten opzichte van 2005. De niet-ETS-industrie valt onder de Vlaamse doelstellingen (15,7 % tegen 2020 en 35 % tegen 2030), maatregelen hiervoor werden opgenomen in het ‘Vlaamse mitigatieplan 2013-2020’ en in het ‘Voorontwerp Vlaamse klimaatbeleidsplan 2021-2030’.

Totale CO2-emissie industrie fluctueren

Voor de sector industrie kan ten opzichte van 2017 een daling in de emissie van CO2 worden waargenomen met 7,3 % of 1,49 Mton ten opzichte van 2005. De laatste vier jaar zijn de emissies terug in stijgende lijn. De energetische emissies daalden ten opzichte van 2005 met 10,1 %, de niet-energetische met 5,3 %. Bij de deelsectoren is er geen eenduidig beeld waar te nemen. Bij sectoren papier en voeding kan een stijging van de totale CO2-uitstoot worden waargenomen ten opzichte van 2005 met respectievelijk 31,4 % en 5,9 %. Bij de papiersector nam de uitstoot per eenheid bruto toegevoegde (figuur 4) waarde zelfs toe (25,1 %), bij de sector voeding was hier wel een daling (22,1 %) waar te nemen, de economische groei steeg in de voedingssector sterker dan de uitstoot van CO2. De textielsector kende een daling van 44,5 % in de uitstoot van CO2, maar kende ook een daling van 37,6 % in bruto toegevoegde waarde, wat resulteerde in een daling van de CO2 uitstoot per eenheid toegevoegde waarde van 11,1 %. De chemie en metaalsector kenden beiden een daling in de uitstoot van CO2 van 5,3 % en 14,1 %. Bij de niet-energetische emissies is er een lichte stijging in de chemie van 0,5 %, bij de metaalsector daalt dit met de 11,8 %. Sinds 2005 verdubbelde de chemiesector (47,3 %) in bruto toegevoegde waarde, de metaalsector kromp met 8,9 %. Voor beiden resulteerde dit in een daling van de koolstofintensiteit van 35,7 % (chemie) en 5,7 % (metaal).

*De totale uitstoot van broeikasgassen in de industrie bestaat voor 88,2 % uit CO2.

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid