Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Milieuthema's / Vermesting & Verzuring / Mestverwerking

Mestverwerking

Deze indicator toont de evolutie van de hoeveelheden stikstof (N) en fosfor (P) die niet op Vlaamse landbouwbodems worden afgezet, maar als ruwe mest of na mestverwerking geëxporteerd worden uit Vlaanderen. 

Mestverwerking met export van het eindproduct en zonder afwenteling van emissies naar water en/of lucht, draagt bij tot een lagere bemestingsdruk (zie indicator Dierlijke mest in de landbouw) en tot een vermindering van de ammoniakemissie (zie indicator Emissie van verzurende stoffen door de landbouw). In Vlaanderen is mestverwerking één van de belangrijkste maatregelen om het mestoverschot afkomstig van de veestapel aan te pakken (zie indicator Veestapel). Onder bepaalde voorwaarden kan dierlijke mest ook onbehandeld uitgevoerd worden.

Evaluatie: Icon positief
Laatst bijgewerkt: januari 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Floor Vandevenne

Export van N en P blijft stijgen

De totale verwerking en export van nutriënten is in Vlaanderen gegroeid tot 55.9 miljoen kg stikstof en 14,2 miljoen kg fosfor in 2017 (Figuur 1). Dat is zevenveertig (N) en twintig (P) keer de hoeveelheid mestverwerking en/of mestexport dan in 1990. De sterke stijging in 2008 is vooral het gevolg van nieuwe mogelijkheden voor uitbreiding van de veestapel, gekoppeld aan verplichte verwerking van bijkomende dierlijke mest. Sinds 2008 stijgt de export van nutriënten uit mest elk jaar, tussen 2016 en 2017 gaat dit om een stijging in N en P export van ongeveer 9 %.

De geëxporteerde hoeveelheden bevatten nutriënten (N en P) die in hoofdzaak afkomstig zijn van Vlaamse dierlijke mest, in mindere mate ook van geïmporteerde dierlijke mest en van andere toegevoegde organische materialen die tijdens het verwerkingsproces als input worden gebruikt. In 2017 bestond ongeveer een kwart (of 13,7 miljoen kg N) van de verwerkte en geëxporteerde hoeveelheid nutriënten uit niet-dierlijke Vlaamse mest (figuur 1).

Mestverwerking drukt het mestoverschot

In 2017 werd een kwart van de stikstof (26 % of 42,2 miljoen kg N) die gegenereerd wordt via Vlaamse dierlijke mestproductie, verwerkt en geëxporteerd (als ruwe onbehandelde mest of na mestverwerking; figuur 2). Dit aandeel kent een stijgende trend en bedroeg slechts 10 % in 2007. Ruim driekwart van de geëxporteerde onbehandelde mest bestond in 2017 uit pluimveemest, het overige kwart uit niet-pluimveemest (vnl. varkensmest). De export van verwerkte mest steeg t.o.v. 2016, zowel voor pluimvee- (+ 13 %) als voor niet-pluimveemest (+ 6 %).

Mestverwerking en -export speelt een cruciale rol in het terugdringen van het mestoverschot: sinds 2007 is er in Vlaanderen geen wettelijk mestoverschot meer. Mest is in overschot als in de Vlaamse landbouw niet alle dierlijke mest volgens de wettelijke regelingen kan aangewend, verwerkt of geëxporteerd worden.

Waterkwaliteitsdoelstellingen nog veraf

Ondanks toenemende mestverwerking, verlaging van de bemestingsnormen en beperken van de mestafzetruimte verbetert de oppervlakte- en grondwaterkwaliteit onvoldoende. In het winterjaar 2017-2018 bijvoorbeeld werd de drempelwaarde voor de concentratie nitraat en fosfaat in oppervlaktewater landbouwgebied overschreden in 28 % en 63 % van de meetplaatsen.

Naast mestverwerking kunnen afspoeling van nutriënten tegengegaan worden via het inzaaien van vanggewassen en het aanleggen van bufferstroken langs waterlopen. Landbouwers kunnen ook verliezen reduceren door minder mest te gebruiken en de mest efficiënter in te zetten (bemesten in functie van gewasbehoefte, tijdstip, andere techniek van bemesten,…). Strengere maatregelen voor focusbedrijven en -gebieden en een verhoogde inzet op gericht bemesten is een belangrijk aspect van het vijfde mestactieprogramma (MAP5, 2015-2018).

 

 

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid