Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Milieuthema's / Milieu & Gezondheid / Blootstelling aan hexachloorbenzeen bij volwassenen

Blootstelling aan hexachloorbenzeen van volwassenen

Hexachloorbenzeen of HCB is een persistent organisch polluent (POP) dat gebruikt werd als schimmelwerend middel op planten, zaden en granen. Het werd ook toegepast bij de productie van vuurwerk, munitie en synthetisch rubber. Sinds 1974 is het gebruik van HCB verboden in België, maar het komt nog in het milieu terecht als bijproduct van de chemische industrie, in afvalstromen van de chlooralkali- en houtbeschermingsindustrie en bij de verbranding van huishoudelijk afval.

Mensen worden blootgesteld aan HCB via voeding (o.a. vette vis en vlees, melk en zuivelproducten), maar ook drinkwater kan resten van HCB bevatten. HCB bindt snel aan bodem- en stofdeeltjes, en door hand-mond contact of inademing van deze deeltjes kan er een verhoogde blootstelling zijn. HCB accumuleert in vetweefsel en breekt zeer traag af, waardoor het in de voedselketen accumuleert. De halfwaardetijd in de mens is ongeveer zes jaar. Gezondheidseffecten van HCB-blootstelling zijn verstoring van het hormoon- en immuunsysteem, schade aan het zenuwstelsel en neurologische ontwikkelingsstoornissen. Het Internationaal Agentschap voor Kankeronderzoek klasseert HCB als mogelijk kankerverwekkend voor de mens.

Deze indicator toont de concentraties van HCB gemeten in serum van volwassenen (50-65 jaar) tijdens twee Vlaamse Humane Biomonitoringscampagnes (FLEHS I, 2002-2006 en FLEHS III, 2012-2015). Het geometrisch gemiddelde (GM) wordt gehanteerd als maat voor gemiddelde benzeenblootstelling. Trends in HCB-concentraties worden besproken aan de hand van gezondheidskundige toetsingswaarden (GTW’s) afgeleid voor het risico op kanker.

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: april 2017
Actualisatie: Vijfjaarlijks
Contactpersoon: Floor Vandevenne

Gemiddelde HCB-concentratie in volwassenen daalt

Het geometrisch gemiddelde (GM) van HCB-serumconcentraties van volwassenen daalde met 76 % tussen de derde (FLEHS III) en de eerste (FLEHS I) humane biomonitoringscampagne. Verdere meetcampagnes dienen na te gaan of er sprake is van een duidelijke trend.

HCB is opgenomen in het Verdrag van Stockholm dat een verminderde blootstelling aan persistente organische polluenten (POP’s) beoogt. Naast het verbod op HCB-gebruik is er een Vlaamse HCB-norm voor (biota in) oppervlaktewater, Vlaamse streefdoelen voor grondwater en bodem en Europese richtlijnen voor pesticideresidu’s die maximumgehaltes in granen, groenten, fruit en voedingsmiddelen van plantaardige en dierlijke oorsprong vastleggen. In Vlaanderen is de totale HCB-emissie naar de omgevingslucht, afkomstig van alle Vlaamse sectoren, met 13 % gedaald tijdens de periode 2000-2015. De verbranding van huishoudelijk afval blijft in 2015 verantwoordelijk voor 90 % van de Vlaamse emissies.

Betere toetsingswaarden nodig voor effect op kanker

Het GM lag tijdens de eerste campagne boven de bovengrens GTW (dat is de hoogst beschikbare waarde van alle toetsingswaarden), en in de derde campagne onder de bovengrens GTW. De GTW’s worden hier geformuleerd in het kader van een extra kankerrisico (bovenop de achtergrond door andere oorzaken) en geven het niveau aan waarbij de HCB-concentraties geassocieerd zijn met een risico van één extra kankergeval op een miljoen inwoners bij levenslange blootstelling. Een extra kankerrisico lager dan één op een miljoen wordt als maatschappelijk aanvaardbaar beschouwd. Omdat er voor het risico op kanker geen ‘veilige’ waarde bestaat, dient men te streven naar een zo laag mogelijke blootstelling en dus ook naar een minimale HCB-concentratie in serum. Het risico op blootstelling kan verkleind worden door het nemen van preventieve maatregelen zoals een gevarieerd dieet.

Over de methodologie

Het opzet van FLEHS I was verschillend van FLEHS II en III. In FLEHS II en III lag de nadruk op het identificeren van referentiewaarden voor Vlaanderen (spreiding van de deelnemers over geheel Vlaanderen), terwijl in FLEHS I metingen gebeurden in acht afgelijnde aandachtsgebieden in Vlaanderen (landbouw, industrie, stedelijk,…) met elk een verschillend type milieudruk. Om de evolutie na te gaan, worden de resultaten van de campagnes naast elkaar gelegd. Hierbij moet rekening gehouden worden met een aantal verschillen in meetmethode.

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid