Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Milieuthema's / Luchtkwaliteit / Jaargemiddelde PM10-concentratie

Jaargemiddelde PM10-concentratie in de lucht

Het inademen van fijn stof (PM10 en PM2,5) is schadelijk voor de gezondheid. Primaire stofdeeltjes worden rechtstreeks uitgestoten in de lucht door verschillende bronnen (bv. uitlaat van wagens, diverse industriële processen, huishoudelijke verwarming op vaste brandstoffen). Daarnaast kan er ook secundair stof gevormd worden door chemische reacties van voorloperstoffen (bv. NH3, NOx, SO2 en VOS). Samen resulteren ze in een bepaalde concentratie van PM10-deeltjes die in de lucht zweven. De jaargemiddelde concentratie van deze deeltjes geeft een beeld van de langetermijnblootstelling aan dit fijn stof.

Evaluatie: Icon neutraal
Laatst bijgewerkt: maart 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Hugo Van Hooste

Doelstellingen voor PM10-concentraties

De Europese Richtlijn Luchtkwaliteit 2008/50/EG definieert grenswaarden voor de bescherming van de menselijke gezondheid. De jaargrenswaarde voor PM10 bedraagt 40 µg/m³, deze dient sinds 1 januari 2005 gerespecteerd te worden. Eind 2013 deed de Europese Commissie een mededeling over het programma ‘Schone lucht voor Europa’ (COM(2013)918). Uit de toetsing van het luchtkwaliteitsbeleid bleek dat het niet aangewezen is de richtlijn inzake luchtkwaliteit snel te wijzigen. Men streeft in eerste instantie naar het naleven van de bestaande normen voor luchtkwaliteit uiterlijk tegen 2020.

De Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) heeft voor PM10-concentraties ook advieswaarden vooropgesteld, deze zijn strenger dan de EU-grenswaarden. De WGO baseert zich voor het bepalen van de advieswaarden enkel op gezondheidsstudies. Volgens de WGO is er geen veilige drempelwaarde waaronder geen nadelige effecten voorkomen. In een advies van de WGO (2005) wordt voor de meetpunten een advieswaarde voor PM10 voorgesteld van 20 µg/m³ voor het jaargemiddelde.

Op 20 juli 2018 heeft de Vlaamse Regering een ontwerp van Luchtbeleidsplan 2030 goedgekeurd. Voor de korte termijn worden in dit Luchtbeleidsplan de Europese Luchtkwaliteitsstreefwaarden en -normen voor PM10 overgenomen. Op lange termijn wordt ernaar gestreefd te voldoen aan de gezondheidsimpact ingeschat door de Wereldgezondheidsorganisatie (WGO).

De Europese regelgeving is overgenomen in de Vlaamse wetgeving (Vlarem II). Het MINA-plan 4 (2011-2015), het laatste overkoepelende beleidsplan dat werd opgemaakt, stelt als doelstelling voor het jaar 2020 een daling van het ruimtelijke PM10-jaargemiddelde voor Vlaanderen met 25 % t.o.v. 2007 voorop. Het Pact 2020 neemt zowel dit doel als de EU-doelen over.

Jaargemiddelde PM10-concentratie dalend voor alle typegebieden

De meetplaatsen van het telemetrisch meetnet zijn naargelang hun karakter ingedeeld in verschillende subtypes. Naast de typegebieden landelijk, voorstedelijk, stedelijk en industrieel wordt er sinds 2013 ook een typegebied verkeer gespecifieerd.

De jaargemiddelde concentratie van PM10 vertoonde een forse daling in de periode 1996-1998. Vanaf 1999 tot 2014 kende de jaargemiddelde PM10-concentratie een schommelend maar globaal wel dalend verloop, en dit in alle typegebieden. Zo is de jaargemiddelde PM10-concentratie in stedelijk gebied met 35 % gedaald tussen 2007 en 2017. Maar recent (2015-2017) lijken de gunstige evoluties af te zwakken.

De dalende trend houdt ongetwijfeld verband met de afnemende emissie van primaire PM10 - deeltjes en van precursoren van secundair fijn stof. Maar ook die emissies vertonen recent maar weinig – of zelfs geen – verbetering meer (zie ook indicatoren ‘emissie van primair fijn stof’ en ‘emissie van precursoren van fijn stof’). Ook de weersomstandigheden en invloeden van buitenlandse bronnen bepalen mee de PM10-concentratie in Vlaanderen.

De PM10 - jaargemiddelde concentratie is hoger in het industriële dan in het stedelijke typegebied, hoewel de verschillen tussen beide het laatste decennium minder groot zijn. In het voorstedelijk typegebied worden lagere waarden gemeten en in het landelijk gebied zijn de concentraties het laagst.

EU-jaargrenswaarde overal gerespecteerd, WGO-advieswaarde slechts op 5 meetplaatsen

Vanaf 2008 respecteerden alle meetplaatsen de PM10-jaargrenswaarde van 40 µg/m³. Bepaalde jaren vallen op door hun hoge jaargemiddeldes, bv. 2003. Dat jaar was meteorologisch ongunstig voor fijn stof met uitzonderlijk veel wind uit oostelijke richting, lange droge periodes en een zeer warme zomer. In 2017 lagen de gemeten PM10-jaargemiddelden in Vlaanderen tussen 19 en 28 µg/m³. Het jaargemiddelde was in 2017 het laagst op de meetplaatsen Houtem en Zaventem. De hoogste jaargemiddelde concentratie werd gemeten op de meetplaats Oostrozebeke. De WGO-jaaradvieswaarde van 20 µg/m³ werd slechts op 5 meetplaatsen gerespecteerd. 

Luchtkwaliteit gemodelleerd voor heel Vlaanderen

Om de verontreiniging met fijn stof in te schatten op plaatsen waar geen metingen gebeuren in Vlaanderen, maakt de VMM gebruik van het model ATMO-Street. Dit model is een verbeterde versie van het vroeger gebruikte RIO-IFDM-model omdat er nu, dankzij de toevoeging van het OSPM-model, ook een inschatting voor street canyons wordt berekend.

De hoogste jaargemiddelde PM10-concentraties in 2017 worden gemodelleerd in Gent, de Gentse kanaalzone, de Antwerpse haven en in de Antwerpse agglomeratie. Aan de kust en in het oosten van Limburg komen de laagste concentraties voor. Dichtbij enkele industriële puntbronnen kunnen er nog overschrijdingen van de jaargrenswaarde zijn.

Het model toont dat nagenoeg heel Vlaanderen de Europese jaargrenswaarde van 40 µg/m³ PM10 haalt m.a.w. geen enkele Vlaming is in 2017 blootgesteld aan  PM10-concentraties hoger dan de grenswaarde (enkele lokale uitzonderingen dicht bij industriële puntbronnen niet ten na gesproken).

Toetsing aan de WGO-advieswaarde van 20 µg/m³ leert dat een groot deel van Vlaanderen ook deze waarde haalt. Het model schat dat 20 % van de bevolking woonde in een gebied waar de WGO-jaaradvieswaarde werd overschreden. Deze overschrijding is vooral in de (voor)stedelijke gebieden rond Antwerpen, Gent, Sint-Niklaas, Brugge, Kortrijk, Turnhout, Oostende en Roeselare duidelijk te zien. Naast normering voor het PM10-jaargemiddelde bestaat er ook Europese regelgeving en een WGO-advieswaarde voor PM10-daggemiddelden. Meer informatie hieromtrent vindt u bij de indicator 'daggemiddelde PM10-concentratie in de lucht'. 

 

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid