Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Milieuthema's / Bodem / Verontreinigde gronden per saneringsfase

Verontreinigde gronden per saneringsfase

De bodem wordt door allerlei menselijke invloeden verontreinigd met milieugevaarlijke stoffen zoals zware metalen, organische stoffen en pesticiden. Er zijn naar schatting 85 000 gronden met een verhoogd risico op bodemverontreiniging (risicogronden), goed voor 11,2 % van de oppervlakte in Vlaanderen. Via een beschrijvend bodemonderzoek (BBO) wordt nagegaan of sanering nodig is. Indien dit het geval is, wordt een bodemsaneringsproject (BSP) opgesteld en conform verklaard, en kunnen saneringswerken (BSW) starten. In beperkte gevallen is opvolging nodig onder de vorm van nazorg. Deze indicator toont het aantal verontreinigde gronden per saneringsfase.

 

Evaluatie: niet van toepassing
Laatst bijgewerkt: oktober 2019
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Floor Vandevenne

Bijna helft van Vlaamse risicogronden onderzocht

Eind 2018 heeft de OVAM voor 49 % van de Vlaamse risicogronden (41 699 gronden) een oriënterend bodemonderzoek (OBO) gedaan. Een OBO is verplicht voor alle risicogronden en geeft uitsluitsel over de bodemkwaliteit. Voor een derde van de OBO’s (of 14 010 gronden) werd een beschrijvend bodemonderzoek (BBO) uitgevoerd. Een BBO onderzoekt de omvang en de risico’s van de bodemverontreiniging en bepaalt de saneringstechniek. In de periode 1997-2018 werden in totaal 5 405 BSP’s ingediend en conform verklaard.

Saneringswerken afgerond voor ruim een derde van de verontreinigde gronden

Eind 2018 zijn er 3 913 bodemsaneringswerken afgerond (BSW afgerond). Dat is ruim een derde (36 %) van het geschatte aantal noodzakelijke bodemsaneringsprojecten dat tegen 2036 opgestart zou moeten zijn. In vergelijking met 2005 is het aantal afgeronde bodemsaneringswerken aanzienlijk toegenomen. Hoe langer het Bodemdecreet in werking is, hoe meer saneringen er opgestart en afgerond worden. Ook de doorlooptijd -tussen de onderzoeksfase en een afgewerkt saneringsproject kan acht jaar zitten- heeft een vertragend effect.

Die oppervlakte van de reeds gesaneerde en nog te saneren gronden in Vlaanderen bedroeg 85 km² (0.63 % van Vlaanderen) en 120 km² (0,89 % van Vlaanderen) in 2017. Deze cijfers zijn ramingen gebaseerd op de oppervlakte waarvoor een bodemsaneringsproject nodig is gebleken (BSP nodig).

Proactief beleid met oog op saneringsdeadline 2036

Tegen 2036 wil OVAM voor alle historische verontreinigingen minstens de sanering opgestart hebben. Hiervoor moeten de oriënterende bodemonderzoeken voor de 85 000 risicogronden uiterlijk tegen 2028 afgerond zijn. Sinds 2017 voert OVAM een gericht activerings- en bemiddelingsbeleid om die doelstelling te behalen.  Zo worden eigenaars van niet onderzochte risicogronden zelf aangeschreven en aangespoord op een onderzoek op te starten.

Een wijziging in het Bodemdecreet van 29 oktober 2017 maakt het ook mogelijk om ook risicogronden te onderzoeken die vroeger onder de radar bleven.  Dit zal nodig zijn om de saneringsdeadline te behalen. Het laatste decennium vlakt het aantal bodemsaneringsprojecten af, o.a. door de economische crisis en een verminderde doorstroom van onderzochte gronden (OBO) naar verder te onderzoeken (BBO) en te saneren gronden.

 

 

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid