Vlaanderen.be www.milieurapport.be
Je bent hier: Home / Milieuthema's / Afval & Materialen / Bedrijfsafval

Hoeveelheid bedrijfsafval

De indicator toont de hoeveelheid primair bedrijfsafval. Primair bedrijfsafval omvat het afval geproduceerd door de bedrijven, exclusief het afval van de afvalverwerkende sector. Het gaat dus om afvalstoffen die ontstaan bij de oorspronkelijke producent, en niet bij de latere verwerking van het afval.

Evaluatie: Icon neutraal
Laatst bijgewerkt: september 2018
Actualisatie: Jaarlijks
Contactpersoon: Erika Vander Putten

Milieubeleid zorgt voor afval

In 2016 produceerden de Vlaamse bedrijven 15,7 miljoen ton primair bedrijfsafval (figuur 1). Dat is bijna vijf keer meer dan de ingezamelde hoeveelheid huishoudelijk afval (zie indicator Huishoudelijk afval). De grootste stromen waren bouw- en sloopafval (21 %), slib van waterzuivering (15 %), verontreinigde grond (11 %) en afval van plantaardige of dierlijke oorsprong (11 %). De eerste drie stromen zijn atypisch in de zin dat ze deels het gevolg zijn van milieubeleid. Om een materiaal- en energie-efficiënter gebouwenpark te bekomen zijn er immers verbouwingen nodig, en het milieubeleid stimuleert ook een verhoogde aansluitingsgraad op rioleringen en een doorgedreven bodemsanering. Daarbij ontstaan onvermijdelijk veel afvalstoffen. Een deel van dit afval gaat evenwel naar materiaalrecuperatie. Zo wordt het steenachtig bouw- en sloopafval, eventueel na sortering of een andere vorm van voorbehandeling, bijna volledig gerecycleerd (zie ook indicator Bestemming van bedrijfsafval en secundaire grondstoffen).

Hoeveelheid primair bedrijfsafval exclusief bouw- en sloopafval, slib en verontreinigde grond vrij stabiel

De hoeveelheid primair bedrijfsafval exclusief bouw- en sloopafval, slib van waterzuivering en verontreinigde grond vertoonde een dalende trend tussen 2004 en 2009  (-16 %) maar bleef sindsdien vrij stabiel (figuur 1). In 2016 ging het om 8,2 miljoen ton. De grootste fracties hierin waren afval van plantaardige of dierlijke oorsprong (21 %), niet-selectief ingezameld bedrijfsafval of bedrijfsrestafval (13 %) en papier- en kartonafval, exclusief verpakkingsmateriaal (10 %).

De hoeveelheid afval van plantaardige of dierlijke oorsprong vertoonde een duidelijk stijgende trend: deze stroom verdubbelde bijna tussen 2004 en 2016. De hoeveelheid papier- en kartonafval bleef daarentegen vrij stabiel tussen 2007 en 2016. Ook de hoeveelheid niet-selectief ingezameld bedrijfsafval (gemengd bedrijfsafval of bedrijfsrestafval) bleef vrij constant over diezelfde periode, schommelend rond de 1 miljoen ton (figuur 2). Dat is iets meer dan de hoeveelheid restafval die ingezameld wordt bij huishoudens (989 kton; zie Indicator Hoeveelheid huishoudelijk afval). Het Uitvoeringsplan voor huishoudelijk afval en gelijkaardig bedrijfsafval (2016-2022) wil de hoeveelheid bedrijfsrestafval tegen 2022 met 15 % verminderen t.o.v. 2013 door een verder doorgedreven selectieve inzameling aan de bron.

Afvalproductie industrie losgekoppeld van economische groei

In 2016 kwam 56 % van het primair bedrijfsafval, exclusief bouw- en sloopafval, slib en verontreinigde grond, van de industrie (inclusief energiesector). Hoewel de afvalproductie van de industrie stabiel blijft over de periode 2009-2016, is ze duidelijk relatief losgekoppeld van de economische groei van de sector (figuur 3).

Meer informatie over deze indicator vindt u in de publicatie Productie van bedrijfsafvalstoffen en secundaire grondstoffen (OVAM)

Dit is een officiële website van de Vlaamse overheid