Deel deze pagina

Verzenden
NL EN

Emissie van zware metalen (As, Cd, Cr, Cu, Hg, Ni, Pb, Zn) naar lucht door de energiesector

Deze indicator volgt voor de energiesector op wat de emissie is voor 8 zware metalen (As, arseen; Cd, cadmium; Cr, chroom; Cu, koper; Hg, kwik; Ni, nikkel; Pb, lood; Zn, zink) naar de lucht per deelsector. De emissies worden apart in beeld gebracht voor enerzijds de deelsector 'elektriciteit & warmte' (met in hoofdzaak de elektriciteitcentrales) en anderzijds de petroleumraffinaderijen.

 

Uw eigen indicatorrapport
Voeg deze fiche toe aan uw eigen 'Indicatorrapport à la carte' door hierboven aan te klikken.
D P S I R

Figuren

Emissies van Ni en Zn bij de productie van elektriciteit en warmte (Vlaanderen, 2000-2012)

Bron: MIRA op basis van EIL (VMM)
Cijfers in Excel.


Verloop

DOELSTELLINGEN

Op de vierde Noordzeeconferentie (1995) is beslist om binnen één generatie (25 jaar) de lozing van gevaarlijke producten stopzetten. Ook het OSPAR verdrag mikt op een nullozing tegen 2020. Voor Vlaanderen lijkt deze langetermijndoelstellingen echter niet haalbaar, gelet op de talrijke diffuse en natuurlijke bronnen. Daarom wordt tegen 2020 een reductie van 90 % t.o.v. 1995 vooropgesteld, voor elk van de zware metalen afzonderlijk. Deze doelstelling dient gefaseerd bereikt te worden. Voor lucht komt dit neer op 50 % reductie tegen 2002, 70 % reductie tegen 2010 en 90 % reductie tegen 2020, telkens t.o.v. 1995.

STERKE EMISSIEREDUCTIES VOOR DE MEESTE METALEN

De emissie van zware metalen bij elektriciteitsproductie is vooral afkomstig van de verbranding van steenkool. Steenkool bevat van nature een hoeveelheid zware metalen, waarvan een klein deel in de atmosfeer wordt geëmitteerd als een fractie van het geloosde stof. De meeste zware metalen worden normaal vrijgegeven als componenten (zoals oxides, chlorides) samen met de stofdeeltjes. Enkel Hg is deels aanwezig in de dampfase. Minder vluchtige elementen condenseren gewoonlijk op het oppervlak van kleine deeltjes aanwezig in de verbrandingsgassen. De aanwezigheid van zware metalen in kolen is meestal enige keren groter dan in olie of aardgas. Stookolie bevat vooral Ni. Voor aardgas zijn soms emissies van (enkel) Hg relevant.

De emissies van metalen door de petroleumraffinaderijen  zijn afkomstig van de fornuizen, de ketels en de regeneratoren van de katalytische krakers.

Het verloop van de emissie van zware metalen in de energiesector is een direct gevolg van verschuivingen in de brandstofkeuze (steenkool versus aardolieproducten of aardgas) en specifieke maatregelen ter beperking van de uitstoot van stofdeeltjes: ontstoffing door middel van elektro(statische) filters en natte gaswassers. Na een eerder wisselend of zelfs stijgend verloop tussen 2000 en 2005, kent de uitstoot van zware metalen door zowel elektriciteitsproducenten als petroleumraffinaderijen nu al enkele jaren een aanhoudend, sterk dalend verloop.

Voor de totale periode 2000-2012 zijn er grote emissiereducties op te tekenen voor As, Cr, Ni en Zn in de beide belangrijke deelsectoren van de energiesector. Deze reducties zijn het grootst voor Ni (- 97 % bij de petroleumraffinaderijen en - 89 % bij de elektriciteitscentrales) en voor Zn (- 83 % bij de petroleumraffinage en - 74 % bij de elektriciteitscentrales). Voor Cr en As bedragen de emissieverminderingen resp.  83 % en 55 % voor de petroleumraffinaderijen en 68 % en 70 % voor de elektriciteitscentrales.

Voor Cd, Hg en Pb zijn er forse emissiereducties tussen 2000 en 2012 enkel voor de elektriciteitscentrales (resp. - 54 %, - 85 % en - 66 %).

Naar absolute emissiehoeveelheden toe blijven de petroleumraffinaderijen binnen de sector energie verantwoordelijk voor bijdragen van ruim 80 % voor Pb, Ni, Hg, Cu en Cd. De elektriciteitcentrales zijn belangrijkst binnen de energiesector voor de emissies van As, Cr en Zn. 

 

  

Meer cijfers

.pdf

DPSI-R (de verstoringsketen)

De verstoringsketen is een veelgebruikt analysekader in de internationale milieurapportering. De keten schematiseert de oorzaken tot en met de gevolgen van de milieuproblemen.

Schakel 1 Driving forces (Maatschappelijke activiteiten) de onderliggende oorzaken van de milieuproblemen (productie, consumptie, transport, recreatie, enz.)
Schakel 2 Pressure (Druk) de directe oorzaken van de verstoringen brongebruik (energie, water, ruimte, grondstoffen) emissies (lozingen naar lucht, water en bodem, afval)
Schakel 3 State (Toestand) de resulterende toestand in lucht, water en bodem
Schakel 4 Impact (Impact) een inschatting van de negatieve gevolgen van de milieukwaliteit voor mens, natuur en economie
Schakel 5 Response (Respons) het (beleids)antwoord op deze verstoringen

Indicators



DPSIR-chain

The DPSI-R chain is a frequently used analysis framework in international environmental reporting. The DPSI-R chain outlines the causes to the impacts of environmental problems.

Link 1 Driving forces the underlying causes of environmental problems (production, consumption, transportation, recreation, etc.)
Link 2 Pressure the direct causes of the disturbances from resource use (energy, water, space, materials) and emissions (discharges to air, water and soil, waste)
Link 3 State the resulting state in air, water and soil
Link 4 Impact an estimate of the negative effects of the environmental quality for man, nature and economy
Link 5 Response the (policy) response to these disturbances

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Indicatoren

positieve evolutie Positieve evolutie, met de doelstelling binnen bereik, of gunstige toestand.
onduidelijke evolutie Geen of beperkte evolutie, maar onvoldoende om de doelstelling te bereiken, of neutrale toestand.
negatieve evolutie Negatieve evolutie, verder weg van de doelstelling, of ongunstige toestand.
onvoldoende informatie beschikbaar Onvoldoende informatie.
De toekenning van smileys is geen exacte wetenschap maar veeleer een expertoordeel. Het 'oormerken' van indicatoren houdt onmiskenbaar het gevaar in van te sterke vereenvoudiging. Daarom wil de smiley de lezer vooral aanzetten om de bijhorende indicatorbeschrijving te lezen.

Terug naar overzicht