Download Pdf Print
geen 

Totale CO2-emissie per industriële deelsector

Pressure (milieudruk), legende opent in pop-up, legende opent in pop-up
Deze indicator brengt de industriële CO2-emissie, afkomstig van zowel energetisch als niet-energetisch energiegebruik, in beeld. CO2 is goed voor bijna 90 % van de uitstoot van broeikasgassen door de industrie. 

Figuren

Industriële CO2-emissie per deelsector (Vlaanderen, 1990-2010)
Bron: MIRA op basis van EIL (VMM) en VITO

Cijfers en figuur in Excel.

Verloop

Doelstellingen

In de periode 2008-2012 heeft Vlaanderen zich onder het Kyoto-protocol geëngageerd om de totale uitstoot van broeikasgassen te beperken tot een jaargemiddelde van 82,463 Mton CO2-eq.
Vanaf 2005 vallen de CO2-emissies van grote industriële bedrijven onder het Europees emissiehandelssysteem (ETS). Hiervoor is een globale emissiereductie met 21,3 % voorzien tussen 2005 en 2020. De overige, kleinere, industriële CO2-emissiesbronnen in België zijn via een Europese verplichting onderworpen aan een reductiedoelstelling van -15 % tegen 2020 t.o.v. 2005.

CO2-emissie stijgt fors door aantrekkende industriële activiteit

In 2009 lag de CO2-emissie voor het eerst onder het niveau van 1990 vooral omwille van de verminderde industriële activiteit door de financieel-economische crisis. In 2010 herleefde de economie met als gevolg ook een stijging in de totale (energetisch + niet-energetische) CO2-emissie in alle industriële deelsectoren. In de chemische nijverheid, in 2010 verantwoordelijk voor 49 % van de industriële CO2-emissie, bedraagt de emissiestijging 18 % in 2010 t.o.v. 2009. De deelsector metaal levert een bijdrage van 29 % van de industriële CO2-emissie in 2010.  Binnen deze deelsector metaal is de CO2-emissie voor 91 % afkomstig uit de ijzer- en staalproductie en de non-ferro industrie en is er een emissiestijging tussen 2009 en 2010 waar te nemen van 25 %. Net in zowel de chemie als de ijzer-,  staal- en non-ferro nijverheid is ook de productiestijging het grootst (productie-index voor beide stijgt met 21 % in 2010 t.o.v. 2009), m.a.w. de evolutie van de CO2-emissie volgt in grote lijnen de verhoogde activiteit.

In 2010 is 18 % van de CO2-uitstoot te wijten aan niet-energetische emissies. Deze zijn afkomstig van het gebruik van energiedragers als grondstof in een productieproces (deelsector chemie) en van de oxidatie van koolstof bij de omzetting van ruw ijzer naar staal (deelsector metaal). Deze niet-energetische CO2-emissies zijn in 2010 met 36 % gestegen t.o.v. 2009, dit als rechtstreeks gevolg van een heroplevende activiteit.

Net als voor de energiesector wordt een belangrijk deel van de broeikasgasuitstoot van de sector industrie gereguleerd door het Europees emissiehandelssysteem (ETS). Sinds de invoering van dit ETS in 2005 hadden alle industriële deelsectoren hun CO2-emissie kunnen terugdringen (-19 % voor de totale sector) tussen 2005 en 2009. Maar door de forse emissiestijging in 2010 is deze reductie nagenoeg volledig teniet gedaan (amper nog -4 %). Door een uitbreiding van het toepassingsgebied voor ETS binnen de sector industrie, liep het aandeel van de energetische CO2-uitstoot onder ETS op van circa 50 % in de eerste handelsperiode (2005-2007) naar 90 % of meer in de tweede handelsperiode (2008-2010). Ook heel wat industriële procesemissies vallen onder de ETS-bepalingen.


Meer info

Laatst bijgewerkt

November 2011

Contactpersoon bij MIRA

Hugo  Van Hooste

Woordenboek

Kyoto-protocol
overeenkomst tussen de partijen van het Klimaatverdrag, waarin per partij (land) een emissiereductiedoelstelling voor broeikasgassen wordt opgelegd.