De huishoudens gebruiken voor hun dagelijkse activiteiten belangrijke hoeveelheden water. Dit is voornamelijk leidingwater maar ook hemelwater en grondwater. De winning van oppervlaktewater en grondwater voor de productie van leidingwater kan leiden tot een daling van de watervoorraden voor mens en natuur. Samen met de industrie zijn huishoudens de grootste watergebruikers in Vlaanderen.
Huishoudens gebruiken ruim helft Vlaams leidingwater
Het watergebruik van de huishoudens (leidingwater, grondwater en hemelwater) is goed voor ongeveer een derde van het totale watergebruik in Vlaanderen. Van het leidingwater alleen nemen huishoudens ruim 56 % voor hun rekening. Het watergebruik van de huishoudens is dus belangrijk in de waterkringloop.
De huishoudens gebruiken voornamelijk leidingwater. Cijfers voor het hemelwater- en grondwatergebruik van de huishoudens berusten op een inschatting gebaseerd op cijfers van enquêtes bij de bevolking naar hun watergebruik. Op basis van deze inschatting zou het watergebruik van de huishoudens in 2003 voor 83 % uit leidingwater (222 miljoen m³/jaar) bestaan, 10 % hemelwater (26 miljoen m³/jaar) en 7 % grondwater (18 miljoen m³/jaar). In de periode 1991-2003 varieerde het totale watergebruik tussen 252 en 272 miljoen m³. Een duidelijke trend valt niet af te leiden en bovendien moet rekening worden gehouden met de nauwkeurigheid van de cijfers (nog niet overal watermeters, opnameperiode verschillend van de periode januari-december, ...).
Wascultuur en kleinere gezinnen dragen bij tot hoog watergebruik
Volgens de Studie Waterprognose (2002) gebruikt een persoon in Vlaanderen gemiddeld ca. 110 liter leidingwater per dag. De doelstelling van het MINA-plan 3 stelt een huishoudelijk gebruik van 98 liter per dag en per persoon voorop tegen 2007. Een zeer groot deel van het leidingwater wordt gebruikt voor bad en douche (44 liter per persoon per dag), toiletspoeling (30 liter) en het wassen van kledij (17 liter). Verder gaat 11 liter per dag naar afwas, drinken en koken, en 8 liter naar schoonmaak en de tuin. Het hoge watergebruik ten opzichte van vroegere generaties komt deels door het toegenomen comfort (installatie van douche of ligbad), maar ook door het kleiner worden van de huishoudens. Bij kleine gezinnen zal verhoudingsgewijs meer water per persoon worden verbruikt dan bij grote gezinnen (bv. door betere benutting van de (af)wasmachine). Even fundamenteel is de groeiende 'wascultus': de 'vuile' was wordt sneller gewassen, we nemen vaker een bad of douche dan vroeger, de auto moet gewassen, het gazon gesproeid en het zwembad dient gevuld.
De huishoudens kunnen duurzamer omgaan met water door:
- minder water te verbruiken (bv. door een spaardouchekop te installeren);
- water van hoge kwaliteit te behouden voor toepassingen die dat expliciet eisen en - waar mogelijk en verantwoord - alternatieven inschakelen (bv. hemelwater voor toiletspoeling, wassen van kledij, poetsen en tuin);
- het water minder te vervuilen (bv. door milieuvriendelijke wasmiddelen te gebruiken)
Laatst bijgewerkt
Januari 2011