Download Pdf Print
geen 

Consumptiepatroon - uitgaven van de huishoudens

Driving Forces (maatschappelijke activiteiten), legende opent in pop-up
Het consumptiepatroon van een huishouden is het aandeel van de uitgaven in het totale huishoudbudget voor verschillende goederen en diensten (voeding, kleding, huur, …). De consumptiepatronen van huishoudens zijn in voortdurende evolutie door de koopkrachtstijging (of –daling), de veranderingen in levenswijze, en de prijsontwikkeling die niet voor alle groepen van goederen en diensten gelijk is.

Figuren

Evolutie van de bestedingen van de huishoudens, in euro (Vlaanderen, 2000, 2006-2008)
Bron: Huishoudbudgetenquête, ADSEI

Cijfers en figuur in Excel.
Consumptiepatroon van de huishoudens (Vlaanderen, 2008)
Bron: Huishoudbudgetenquête, ADSEI

Cijfers en figuur in Excel.
Gemiddelde bestedingen van de huishoudens (euro), per leeftijdsgroep (Vlaanderen, 2008)
Bron: Huishoudbudgetenquête, ADSEI

Cijfers en figuur in Excel.

Verloop

Ruim helft huishoudbudget naar woning, voeding en vervoer

In 2008 gaf een Vlaams huishouden gemiddeld 34 075 euro uit, of 86,4 % van het beschikbare inkomen. Dit is ruim 4 600 euro meer dan in 2000. De verdeling van het geld over de verschillende uitgavenposten is in de periode 2000-2008 niet echt gewijzigd. De woning blijft in 2008 de belangrijkste kostenpost: bijna een kwart van het huishoudbudget wordt besteed aan huur (of geschatte huur van eigenaars) (18,2 %) en verwarming, verlichting en water (5,4 %). De uitgaven voor voeding, drank en tabak (15,3 %) komen op de tweede plaats, gevolgd door vervoer (aankoop van voertuigen, onderhoud en herstellingen, brandstof, verkeersbelasting, openbaar vervoer) (13,4 %). Cultuur en ontspanning, horeca en reizen zijn samen goed voor 18,6 % van het budget. 

Inkomen, aantal personen en leeftijdsgroep beïnvloeden consumptiepatroon

Naast het inkomen en de koopkracht beïnvloeden ook andere factoren het consumptiepatroon van de huishoudens. Zo verschilt de manier waarop het inkomen wordt besteed tussen de verschillende leeftijdsgroepen en volgens het aantal personen per huishouden. Het gemiddeld aantal personen per huishouden neemt toe van het eerste naar het vierde kwartiel. Huishoudens in het hoogste inkomenskwartiel zijn vaak jonge actieven met kinderen, huishoudens in het laagste inkomenskwartiel hebben doorgaans een oudere referentiepersoon. De huishoudens waarin de referentiepersoon tussen de 40 en 49 jaar oud is, geven het meest uit, gemiddeld 38 819 euro in 2008. De uitgaven van de 60-plussers zijn bijna een derde minder, gemiddeld 27 728 euro. Dat een gepensioneerd gezin minder spendeert dan een gezin waarvan de voornaamste kostwinnaar stilaan het toppunt van zijn carrière bereikt, is logisch. Van alle leeftijdsgroepen besteden de 60-plussers et meest aan gezondheidszorg, de vijftigers aan financiële diensten en verzekeringen, en de veertigers aan cultuur, ontspanning en reizen. Twintigers hebben de hoogste uitgaven voor communicatie en horeca, en de dertigers zijn de grootste consumenten van kleding, schoeisel, meubelen en huishoudtoestellen. De uitgaven voor de aankoop van auto’s zijn het hoogst voor gezinnen met een referentiepersoon tussen de 30 en de 39 jaar en tussen de 40 en de 49 jaar.

Laatst bijgewerkt

Januari 2011

Contactpersoon bij MIRA

Soetkin   Maene