Doelstellingen
De vierde Dochterrichtlijn Lucht (2004/107/EG) hanteert voor 2012 een streefwaarde van 1,0 ng B(a)P/m³ in de lucht als jaargemiddelde. De Wereldgezondheidsorganisatie geeft in haar Air Quality Guidelines een kankerrisico van 1 op 100 000 blootgestelden aan voor een levenslange blootstelling aan 0,12 ng B(a)P/m³ in de lucht, wat als doelstelling voor 2030 kan worden aangenomen. Voor nitro-PAK’s bestaan er nog geen richt- of grenswaarden op Europees of Vlaams niveau.
Huidige PAK- en nitro-PAK-concentratie: nodige aandacht voor de volksgezondheid
De gemiddelde jaarconcentraties schommelden de laatste jaren steeds tussen 0,3 en 0,6 ng B(a)P/m³. In 2011 zijn ze overal lager dan 0,2 ng B(a)P/m³. Weersomstandigheden en lokale omstandigheden zoals bijvoorbeeld houtverbranding voor verwarming in residentiële wijken zijn belangrijke factoren en kunnen de B(a)P-concentratie van de omgeving sterk beïnvloeden. In de winter worden hogere concentraties gemeten dan in de zomer, dit als gevolg van de gebouwenverwarming op vaste brandstoffen (kolen en vooral hout).
De concentratie van de nitro-PAK’s volgt in grote lijnen deze van de PAK’s hoewel minder uitgesproken en niet op alle meetplaatsen. Voor bepaalde nitro-PAK’s zien we een stijging in de zomer in vergelijking met de winter door de meer gunstige omstandigheden voor fotochemische reacties (hogere temperatuur en meer uv-licht).
Het beleid voor PAK’s en nitro-PAK’s is erop gericht om de emissies en bijgevolg de concentraties te verminderen. Dit gebeurt onder andere door toepassing van de Best Beschikbare Technieken (BBT) voor industriële installaties en door de invoering van reglementeringen voor de gebouwenverwarming op vaste brandstoffen. Sinds oktober 2010 moeten nieuwe kolen- en houtkachels voldoen aan minimale normen voor stof. Deze normen zullen de volgende jaren stapsgewijs strenger worden.