PAK-emissie daalt niet
De totale PAK-emissie in Vlaanderen lag in 2011 nog altijd 7 % hoger dan in 2000. In 2010 werd de hoogste PAK-emissie van het laatste decennium genoteerd. In vergelijking met 2010 was er in 2011 wel een vermindering van de uitstoot met bijna 9 %.
De huishoudens zijn in 2011 verantwoordelijk voor 32 % van de totale PAK-emissie. De huishoudelijke bronnen zijn de gebouwenverwarming op steenkool en hout (89 %) en het verbranden van afval in tonnetjes en open vuren (11 %). Net als bij dioxines is tussen 2010 en 2011 de PAK-emissie door de verwarming van woningen met 28 % gedaald. Reden hiervoor is een dalend verbruik van vaste brandstoffen omwille van de mildere winter en de overschakeling op meer milieuvriendelijke brandstoffen. Evenwel blijft het beheersen van de PAK-emissies van zowel de gebouwenverwarming op vaste brandstoffen (vooral hout) als de particuliere illegale afvalverbranding een aandachtspunt.
Emissiereductie kan onder andere door invoering van specifieke reglementering voor de gebouwverwarming op vaste brandstoffen. Zo moeten nieuwe kolen- en houtkachels sinds oktober 2010 voldoen aan minimale normen voor stof. De volgende jaren zullen deze normen stapsgewijs strenger worden wat uiteindelijk een gunstig effect zal hebben op de emissie van partikel geassocieerde PAK’s.
De helft van de PAK-emissie wordt veroorzaakt door transport. Sinds 2000 is de PAK-emissie van transport met 46 % toegenomen, vooral door de stijgende transportstromen en het toenemende gebruik van diesel en katalysatoren. Deze laatsten zorgen voor een toenemende emissie van PAK’s, meer bepaald van naftaleen. Door de verdere gefaseerde invoering van hogere euroklassen worden de emissienormen voor onder andere fijn stof en koolwaterstoffen van personenwagens, lichte bedrijfsvoertuigen en vrachtwagens meestal strenger. Het is te verwachten dat dit ook een gunstig effect zal hebben op de toekomstige PAK-emissie van transport.