Emissie dioxines blijft onveranderd
Tussen 2000 en 2002 daalden de emissies van dioxines met 20 % maar sindsdien blijven ze nagenoeg ongewijzigd.
In de jaren 90 waren er drastische saneringen vooral in de non-ferro industrie, de ijzer- en staalnijverheid en de afvalverbranding waardoor de industriële emissies aanzienlijk daalden.
Huishoudens hebben met 68 % het grootste aandeel in de dioxine-emissie in 2011. Drie kwart van de huishoudelijke emissie is afkomstig van de particuliere illegale afvalbranding in open vuurtjes en tonnetjes. De overige huishoudelijke emissie komt van de gebouwenverwarming op vaste brandstoffen (kolen maar vooral hout). Deze emissie door de verwarming van woningen ligt in 2011 28 % lager dan in 2010. Redenen hiervoor zijn de zachtere winter en de verdere overschakeling op vloeibare en gasvormige brandstoffen.
Overtuigende sensibilisering van de bevolking, ondersteuning van een ambitieuze en kosteneffectieve productnormering op federaal en Europees niveau, en het (fiscaal) stimuleren van milieuvriendelijke technieken zijn de belangrijkste instrumenten om de huishoudelijke uitstoot verder aan banden te leggen. Zo zette de Vlaamse overheid in 2012 een grootschalige sensibiliseringscampagne (Stook Slim) op touw die de bevolking bewust moet maken van het vrijkomen van schadelijke stoffen bij de afvalverbranding in open vuren en de verbranding van behandeld hout in kachels voor gebouwenverwarming.