De beheerovereenkomst water wordt vrijwillig afgesloten tussen een landbouwer en de Vlaamse overheid voor percelen die gelegen zijn in kwetsbaar zone water. Alle landbouwgrond is gelegen in kwetsbaar zone water en de bemesting is er beperkt. Met de beheerovereenkomst engageert de landbouwer zich voor 20 % minder bemesting dan normaal toegelaten. Daartegenover staat een vergoeding voor inkomstenderving door verlaagde opbrengsten. Als resultaatsverbintenis is in de beheerovereenkomst opgenomen dat de hoeveelheid nitraat in de bodem tot 90 cm diep in het najaar niet meer dan 90 kg N/ha mag bedragen. In dit kader dienen landbouwers jaarlijks in het najaar een nitraatresidubepaling te laten uitvoeren. Deze bepalingen geven aan hoeveel stikstof in de winter en het voorjaar verloren kan gaan.
Betere resultaten voor nitraatresidu
De beheerovereenkomst water met verplichte controle van het nitraatresidu wordt op 4 % van het landbouwgebied gevolgd in 2006 (zie beheerovereenkomsten voor een milieuvriendelijke landbouw). Het gaat dus om 24 617 ha onder beheerovereenkomst water. In 2006 en 2005 voldeed 83 % en 85 % van de onderzochte oppervlakte aan de nitraatresidunorm. In 2001, 2002, 2003 en 2004 voldeed respectievelijk 68, 78, 69 en 72 % van de oppervlakte onder beheerovereenkomst aan de nitraatresidunorm van 90 kg N/ha. Toch is er voor veel voorkomende gewassen zoals aardappelen en maïs een overschrijding die in meerdere jaren voorkomt. Grasland, graangewassen en bieten daarentegen hebben voor de 6 jaren een gemiddeld nitraatresidu dat onder de 90 kg N/ha blijft.
Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de doelstelling voor het nitraatresidu gedifferentieerd dient te worden naar landbouwstreek en gewas.
Laatst bijgewerkt
December 2007