Download Pdf Print
negatieve evolutie, legende opent in pop-up 

Seizoenen en neerslagextremen

State (milieukwaliteit), legende opent in pop-up
De laatste decennia nemen de atmosferische concentraties van broeikasgassen en aërosolen toe hoofdzakelijk ten gevolge van menselijke activiteiten. Die toename leidt tot verhoogde temperaturen op aarde, wat verstoring van het klimaat met zich meebrengt. Die verstoring kan bestaan uit wijzigende neerslagpatronen, met periodes van extreme droogte of overstromingen tot gevolg.

Deze indicator gaat na in hoeverre er in België wijzigingen optreden in de neerslag per seizoen of in het aantal dagen met (zware) neerslag.

Figuren

Evolutie van de neerslaghoeveelheid per half kalenderjaar (Ukkel, 1833-2010)
Bron: MIRA/VMM op basis van KMI

Cijfers en figuur in Excel.
Aantal dagen met meetbare neerslag per seizoen en per jaar (Ukkel, 1833-2010)
Bron: MIRA/VMM op basis van KMI

Cijfers en figuur in Excel.
Aantal dagen met zware neerslag (>= 20,0 mm per dag) te Ukkel (1951-2010)
Bron: MIRA/VMM op basis van KMI

Cijfers en figuur in Excel.

Verloop

Nattere winters

De veranderingen in neerslag kunnen zich niet enkel tonen door veranderende jaargemiddelden. Belangrijker nog met het oog op de mogelijke impact, zijn de verschuivingen per seizoen en het voorkomen van extreme neerslagperiodes. En wetenschappers konden in 2011 voor het eerst ook aantonen dat menselijke activiteiten een bijdrage leveren aan de waargenomen intensifiëring van extreme neerslagperiodes in het noordelijk halfrond.

De frequentie van periodes met hevige regenval is op de meeste plaatsen op aarde toegenomen, overeenkomstig met de opwarming en de toename – minstens al sinds de jaren 80 – van de waterdampconcentratie in de atmosfeer zowel boven land als boven de oceanen. De veranderingen in neerslag doen zich in Europa het sterkst voor tijdens de wintermaanden: +20 à +40 % in Noord- en West-Europa. 

Ook in België tekent zich enkel tijdens de winter en winterjaarhelft een significante toename van de neerslaghoeveelheid af. De neerslaghoeveelheid in de zomer verandert niet of nauwelijks (eerste figuur).

Ook meer neerslagdagen in de winter

België (Ukkel) telt jaarlijks gemiddeld 201 dagen met meetbare neerslag (minstens 0,1 mm/dag) en 4 dagen waarop we kunnen spreken van zware neerslag (minstens 20 mm/dag). Uitersten waren 1974 en 1977 met respectievelijk 266 en 265 neerslagdagen (tweede figuur).

Analyse van de neerslaggegevens over de volledige periode 1833-2010 toont aan dat het aantal dagen met meetbare neerslag jaarlijks toenam, maar ook dat deze toename zich enkel in de winter manifesteert. Opmerkelijk is dat in de periode 1951-2010 het aantal neerslagdagen per jaar af nam, voornamelijk in de zomer.

De trendlijn in de meetreeks van het aantal dagen met zware neerslag is niet significant (meetreeks is nog te kort). Het recordjaar was 2004 met 12 dagen van zware neerslag (derde figuur).

Maar het sneeuwt minder

Uit een analyse van het KMI blijkt ten slotte dat neerslag onder de vorm van sneeuw duidelijk minder frequent is geworden in België. Dit is natuurlijk nauw verbonden met de stijging van de temperaturen.

Meer info

Klimaatscenario's voor Vlaanderen tot 2100 (MIRA, Milieuverkenning 2030).

Laatst bijgewerkt

November 2011

Contactpersoon bij MIRA

Johan  Brouwers

Woordenboek

Significant
term uit de statistiek, die aangeeft of aangenomen kan worden dat een verschil wel of niet door toeval is ontstaan. Men spreekt van een significant verschil wanneer dit verschil in sterke mate de veronderstelling ondersteunt dat het verschil niet door toeval is ontstaan, maar door iets anders.