Download Pdf Print
positieve evolutie, legende opent in pop-up 

Emissie van ozonafbrekende stoffen

Pressure (milieudruk), legende opent in pop-up, legende opent in pop-up
De uitstoot van ozonafbrekende stoffen veroorzaakt aantasting van de ozonlaag. De grootste boosdoeners zijn chloor- en broomhoudende verbindingen zoals chloorfluorkoolstoffen (CFK’s), chloorfluorkoolwaterstoffen (HCFK’s), halonen, methylbromide (CH3Br) en tetrachloorkoolstof (CCl4). Deze worden in verschillende toepassingen gebruikt. De emissie wordt uitgedrukt in CFK-11-equivalenten. 

Figuren

Emissie van ozonafbrekende stoffen per toepassing (Vlaanderen, 1995-2009)
Bron: VITO, op basis van Econotec

Cijfers en figuur in Excel.
Totale emissie van ozonafbrekende stoffen per sector (Vlaanderen, 1995-2009)
Bron: VITO, op basis van Econotec

Cijfers en figuur in Excel.

Verloop

Doelstelling 2010 in zicht

Tussen 1999 en 2009 daalde de totale emissie van ozonafbrekende stoffen met 73,1 %. Bijna 73 % van de emissie komt in 2009 van blaasmiddel dat hoofdzakelijk vrijkomt bij het incorrect verwijderen, inzamelen en verwerken van isolatiemateriaal bij de sloop van woningen. Het is technisch moeilijk om het isolatiemateriaal netjes uit de muur te halen en het vrijgekomen gas bij verwerking op te vangen, te destilleren en voor vernietiging af te voeren. Hierdoor zal de emissie van blaasmiddel nog ettelijke jaren voortduren. De grootste absolute daling van de emissie in 2009 komt door de uitgebruikneming van airco-installaties, koelkasten en diepvriezers met koelmiddel.

Het MINA-plan 3+ (2008-2010) beoogt de emissie tegen 2010 terug te dringen met ten minste 74,5 % ten opzichte van de emissie in 1999. Concreet moet de uitstoot tegen 2010 herleid worden tot 180,3 ton CFK-11-eq of een daling met 9,7 ton CFK-11-eq in vergelijking met 2009.
Het MINA-plan 4 (2011-2015) meldt: “Voor ozonafbrekende stoffen wordt het huidige beleid verder gezet. Het betreft onder meer het uitvoeren van gerichte inspectiecampagnes naar het gebruik van ozonafbrekende stoffen in de nog toegelaten toepassingen en de certificering van koeltechnische bedrijven en hun koeltechnisch personeel.” Er wordt geen concrete doelstelling voor 2015 opgegeven in MINA-plan 4.
Vooral het Europese beleid bepaalt nu het verdere verloop van de afbouw van deze emissie en is daarbij zeer ambitieus. Een EU-verordening scherpt de uitfasering van de ozonafbrekende stoffen verder aan. Het doel van het Montreal-protocol is het gebruik van ozonafbrekende stoffen eerst te beperken en uiteindelijk volledig te stoppen.

Handel & diensten verantwoordelijk voor 57 % van de ozonafbrekende stoffen

Het MINA-plan 3+ (2008-2010) beoogt de emissie van ozonafbrekende stoffen tegen 2010 terug te dringen met ten minste 74,5 % ten opzichte van de emissie in 1999. Concreet moet de uitstoot tegen 2010 herleid worden tot 180,3 ton CFK-11-eq of een daling met 9,7 ton CFK-11-eq in vergelijking met 2009. Het MINA-plan 4 (2011-2015) vermeldt geen nieuwe doelstelling, maar vooral het Europese beleid bepaalt nu het verdere verloop van de afbouw van deze emissie en is daarbij zeer ambitieus.

De sector handel & diensten is voor 57 % verantwoordelijk voor het huidige niveau van de emissie van ozonafbrekende stoffen. Daarvan komt 55 % van koel- en blaasmiddel uit afgedankte koel- en vriestoestellen en 30 % van blaasmiddel uit kunststofschuimen.
De industrie (incl. de energiesector) geeft aanleiding tot 36 % van de emissie van ozonafbrekende stoffen, voornamelijk toe te schrijven aan de productie en het gebruik van kunststofschuimen (52%) en brandbestrijdingsmiddelen (36 %).
De transport sector en de huishoudens zijn respectievelijk verantwoordelijk voor 5 % en 3 % van de emissie. En in de landbouw is het gebruik methylbromide als bodemontsmettingsmiddel in Vlaanderen sinds 2006 verboden, bijgevolg stoot deze sector niet langer ozonafbrekende stoffen uit.

Meer cijfers

.pdf Kernset Milieudata

Laatst bijgewerkt

Januari 2012

Contactpersoon bij MIRA

Nathalie  Dewolf

Woordenboek

CFK-11-equivalent (CFK-11-eq)
meeteenheid waarbij het ozonafbrekend vermogen van een product ('ozone depletion potential' of ODP-waarde) afgewogen wordt ten opzichte van het ozonafbrekend vermogen van CFK-11, waarvan de ODP-waarde per definitie gelijkgesteld wordt aan 1.
Chloorfluorkoolwaterstof (HCFK), Chloorfluorkoolstof (CFK)
koolwaterstof waarop sommige of alle waterstofatomen zijn vervangen door chloor- en/of fluoratomen. Het zijn producten met een hoge chemische en thermische stabiliteit die als koelmiddel, blaasmiddel bij de productie van schuimen, oplosmiddel en reinigingsmiddel worden gebruikt. Deze producten tasten de stratosferische ozonlaag aan.
Halonen
volledig gehalogeneerde koolwaterstofmoleculen die minstens één broomatoom bevatten. Deze producten worden voornamelijk gebruikt als brandbestrijdingsmiddel.