Deze indicator toont de uitgaven van de milieuadministratie, de Vlaamse verzelfstandigde agentschappen VMM, VLM, OVAM, de wetenschappelijke instelling INBO en de toelage aan Aquafin nv. Het zijn uitgaven voor beleidsacties, maatregelen en onderzoek maar ook de werkingskosten - dat zijn personeelskosten, huur van gebouwen, aankopen van computers ... - zijn inbegrepen.
Middelen voor leefmilieu nemen terug toe
Tussen 2004 en 2008 stegen de middelen van de Vlaamse milieuoverheid voortdurend. In 2007 en 2008 bereikten de leefmilieu-uitgaven een voorlopig hoogtepunt. In 2007 en 2008 bedroegen de middelen 934 en 963 miljoen euro aan beleidskredieten en bereikten een aandeel van 4,8 % in de totale Vlaamse begroting. Deze piek was onder andere het gevolg van de goede globale Vlaamse kassituatie. Daardoor kon in 2007 ook de werkingstoelage aan de drinkwatermaatschappijen en de volledige historische BTW-achterstand van 100 miljoen euro uitbetaald worden. Daarna kenden de leefmilieumiddelen door de financieel-economische crisis een lichte terugval, parallel met de besparingen binnen de Vlaamse overheid. In 2009 maskeerde een zeer lage inflatie de daling van deze middelen in constante prijzen nog. Maar in 2010 werd de afname duidelijk zichtbaar. In 2011 trokken de uitgaven terug aan.
Water en waterbodems grootste uitgavenpost
In 2011 ging 54,4 % van de middelen naar het thema ‘water en waterbodems’. Deze uitgaven werden aangewend voor verschillende vormen van openbare waterzuivering zoals voor de verdere uitbreiding van het rioleringstelsel in gemeenten alsook voor de bijdrage voor Aquafin. Het thema ‘biodiversiteit’ ontving 10,2 % van de leefmilieu-uitgaven. Zo goed als alle kredieten van het Agentschap voor Natuur en Bos vielen hier onder die deze uitgaven onder andere gebruikten voor de aankoop en het onderhoud van natuurgebieden. Het thema ‘bodemsanering’ verkreeg 6,2 % van de uitgaven die OVAM bezigde voor het zuiveren en terug bruikbaar maken van vervuilde gronden ten gevolge van industriële activiteiten. Het thema ‘energie’ verkreeg 5,5 % van de middelen die het Vlaamse Energieagentschap bijvoorbeeld aanwendde voor de uitbetaling van isolatiepremies. Alles dat niet direct kan toegewezen worden aan een bepaald beleidsthema, zoals algemene werkingskosten, informatica en dergelijke, valt onder het thema ‘indirect’ (4 %).
Laatst bijgewerkt
Januari 2012