|
|
Chloride- en sulfaatconcentratie in diepe grondwaterlagen (Sokkel)
|
 |
Verstoring van de waterhuishouding uit zich ook in een wijziging van de grondwaterkwaliteit. Grondwater dringt de bodem in en zal als gevolg van ondergrondse stromingen steeds dieper in de grond dringen. Dieper grondwater staat dus al langer in contact met de ondergrond dan ondiep water. Hierdoor heeft dit diepere grondwater een hogere zoutconcentratie dan het ondiepe water. In natuurlijke omstandigheden bestaat er dus een verticale zoutgradiënt in het grondwater als gevolg van jarenlange interactie van water met de ondergrond. Grondwaterwinning in de bovenste grondwaterlagen zorgt echter voor een drukverlaging in deze lagen. Daardoor wordt het zout water uit de diepe ondergrond naar boven gezogen.
Chloride en sulfaat zijn de twee belangrijkste bestanddelen die een indicatie kunnen geven voor de verstoring van de waterhuishouding.
|
|
Evolutie van de chloride- en sulfaatconcentratie en verhouding van de huidige concentratie tot de oudst gekende concentratie voor twee meetpunten in de Sokkel (1992-2001)
bron: Grondwaterdatabank, Afdeling Water, VMM
|
Verzilting door grondwaterwinning
De huidige tendensen in de Sokkel wijzen op een verzilting van het grondwater en op een lokale verhoging van de sulfaatconcentratie. Vooral de verzilting vormt een ernstig probleem, omdat dit een onomkeerbaar proces is. Uitspoeling van het zout water is enkel mogelijk via de natuurlijke hydrologische cyclus. Dit proces kan duizenden jaren duren. Een dergelijke kwaliteitsverandering van het grondwater kan alleen maar gestopt worden door een significante stijging van het grondwater in de Sokkel.
Laatst bijgewerkt
MIRA-T 2004