NIRAS (Nationale Instelling voor Radioactief Afval en Verrijkte Splijtstoffen) heeft begin 2003 de eerste vijfjaarlijkse inventaris (1998-2002) aan de regering overhandigd. Die inventaris omvat 1 064 sites verdeeld over 951 exploitanten die houder zijn van 3 510 vergunningen. Het betreft de nucleaire industrie, medische instellingen, onderzoekscentra en de talrijke bedrijven die ioniserende straling gebruiken voor diverse industriële toepassingen.
De inventaris van het radioactief afval bedraagt 21 000 m³ geconditioneerd en niet-geconditioneerd afval en 9 200 bronnen. Het afval dat zal ontstaan tijdens de ontmantelingsfase van alle vergunde installaties wordt geraamd op 47 000 ton radioactief afval, 1 495 000 ton niet-radioactief afval en bijna 1 900 bronnen.
De kostprijs voor het beheer en de berging van de geïnventariseerde radioactieve stoffen op 1 januari 2000 wordt geraamd op 5,6 miljard euro en is hoofdzakelijk gekoppeld aan een vijftiental sites. De nucleaire exploitanten en Synatom hebben provisies vastgelegd die deze kosten voor bijna 84 % dekken, dit zijn voor 50 % bestaande provisies en voor 34 % provisies die zullen aangelegd worden binnen een bestaand maar periodiek te herzien financieringsmechanisme. Het saldo dat niet gedekt was op 1 januari 2000 heeft vooral betrekking op de ontmanteling en sanering van de proefopwerkingsfabriek Eurochemic in Dessel en de vroegere afvalverwerkingsafdeling van SCK in Mol. Met het KB van 24 maart 2003 heeft de federale regering de saneringskosten voor de nucleaire installaties uit het verleden in Mol-Dessel opgenomen in een nieuwe 'Federale bijdrage' en dus doorgeschoven naar de eindgebruiker van elektriciteit. De ‘Federale bijdrage’ omvatte in 2004 in totaal 55 miljoen euro ter financiering van de sanering in Mol-Dessel.
Laatst bijgewerkt
December 2007